Dagboek van Jos & Peter

Dag:                1

Zaterdag          24-05-2003

Vertrek:           10.00 uur            Aankomst:             15.45 uur         Werkelijke fietstijd: 4.41 uur

Afstand:           80,95 km            Totale afstand:      80,95 km         Gemiddeld: 18,33 km per uur

Overnachting: Camping l’Hirondelle Oteppe (B)

Weer:              Regen + wind

 


Eindelijk is de dag dan aangebroken. Na maanden hier naar toe te hebben geleefd zal het vandaag eindelijk gaan gebeuren. Vanmorgen om 06.45 uur opgestaan. Onze dames hadden om 08.00 uur afgesproken, we zouden als afscheidsontbijt, spek met eieren eten, dus moest alles en iedereen op tijd gewassen en aangekleed zijn. Om 08.00 kwam Peter met Monique en Anouk aan. Al direct viel het op dat de lange broek die hij aan had nogal wat gaatjes had. Hier had hij niet opgelet. Hij had gedacht een oude koersbroek mee te nemen en als die was versleten hem onderweg gewoon weg te gooien. Er werd naald en draad bij gehaald en geprobeerd om hem provisorisch te maken.

Hij belde tevens Patrick op, die nog in Echt was, om thuis even te kijken naar de beenstukken, mocht de reparatie niet lukken. Eerst wilde hij zelf nog naar huis gaan maar dan zou het hele schema van onze dames in de war geraken, vandaar het telefoontje naar Patrick.

 

De hele nacht had het flink geregend en geonweerd. Om half negen begon het iets te stoppen met regenen of was dit maar schijn. Tegen deze tijd kwamen vrij onverwachts Pap met Corrie, Marij en Yvonne uit Roosendaal aanzetten, zij wilden ons toch komen uitzwaaien. Ze waren al vroeg moeten vertrekken om op tijd in Geleen te zijn.

Vanaf dat moment stroomde het huis langzaam vol met familie vrienden kennissen en zelfs enkele collega’s van Woon-Profiel. Allen waren ze gekomen om ons uit te zwaaien hetgeen ons toch weer een flinke steun in de rug gaf. Zelfs Bas was er met zijn ouders, ook al was die menigte een beetje druk voor hem. Vlak voor het vertrek werden we naar binnen gedirigeerd en kregen we plotseling de zegen van een monnik (John). We kregen een kruis omgehangen en ons werd een gezegende en voorspoedige reis toegewenst. Zo rond 10.00 uur was voor ons de tijd toch aangebroken om eindelijk te gaan. Op dat moment regende het pijpenstelen, dus de regenkleding moest al aan maar we lieten ons er niet van tegenhouden, ook al maakte iemand de opmerking om het toch maar een dag uit te stellen.

 

Iedereen nam afscheid van ons en ging met paraplu en al naar buiten. Wij zouden vanuit de garage vertrekken, deze was helemaal versierd met de vlaggen van de 4 landen waar we door zouden fietsen, alsmede met de woorden in 4 talen “Goede Reis”.

Eenmaal buiten gekomen begon iedereen te juichen en te klappen. Onze kinderen zaten in diverse auto’s luid te claxonneren, zodat iedereen in de buurt wel in de gaten moest hebben dat we gingen vertrekken. Na nog een extra rondje rond het plein te hebben gefietst zijn we uit het zicht van onze familie en overige aanwezigen en waren we eindelijk op weg.

Na een goede kilometer of twee kreeg Jos al bijna heimwee, wat was er nou gebeurd: iedereen had afscheid van hem genomen maar Marjo en Monique hadden iedereen naar buiten gestuurd en stonden zelf ook op de straat waardoor Jos geen afscheid van hen had genomen.

Stilletjes hoopte hij dat er onderweg nog wel een auto met uitzwaaiers zou staan. Helaas tot in Tongeren niemand gezien. Toen heeft hij toch maar even zijn GSM genomen en Marjo gebeld. Hij kreeg al meteen de vraag of hij nu al niet zonder haar kon. Gelukkig vatte Marjo alles laconiek op en waren er geen boze gezichten.

 

Inmiddels regende het nog steeds en ondanks de goede regenkleding waren onze T-shirtjes al kletsnat door transpiratie maar de moed bleef er goed inzitten en het fietsen ging ook perfect, ook al was het in het begin even wennen met die tassen aan het stuur.

Vanaf Tongeren was het ook gedaan met de vlakke wegen en wat we toen nog niet wisten, het zou niet meer vlak worden de eerst volgende 30 dagen.

In combinatie met de harde wind en regen was het toch best wel afzien de eerste uren van onze tocht. Al deze omstandigheden meetellend hebben we besloten om onze eerste overnachting in Oteppe te houden, hier wisten we namelijk dat een camping lag. Hier aangekomen hebben we geïnformeerd of er ook chalets te huur waren zodat we niet al direct de eerste nacht onze kleren niet droog zouden krijgen.

We kregen een kamer aangeboden in een oud kasteel dat was omgebouwd tot hotel en voor de prijs per persoon krijg je hier in Nederland niet eens een campingplaats. Désirée belde om te vragen waar we zaten dan kon zij onze website gaan bijwerken.

Ja dus mooi niet hoor ze zaten vlak bij ons in de buurt en wilde precies weten waar we zaten zodat ze ons konden verassen. Nou dat is ze prima gelukt. Marjo, Monique en alle kinderen stonden plotseling voor onze hotelkamer. Peter was net klaar met douchen en Jos was nog bezig. Dit was een complete verassing voor ons maar wel een leuke. We werden nog even gecontroleerd of we de was ook goed deden en daarna zijn we samen een borrel gaan drinken. Ze zeiden wel al dat ze ons niet iedere dag zouden komen opzoeken. Om 18.00 uur hebben we definitief afscheid genomen voor de komende 5 weken en nu ook met kus van Jos. Om 19.00 uur zij we met ons tweetjes een lekkere bief met uiteraard Belgische frites gaan eten. 's Avonds nog een paar pilsjes gedronken en ons dagboek bijgewerkt. Onze eerste dag zit erop.

 

 

Dag:                2

Zondag            25-05-2003

Vertrek:           08.45 uur            Aankomst:             21.45 uur         Werkelijke fietstijd: 9.19 uur

Afstand:           145,40 km          Totale afstand:      226,35 km       Gemiddeld: 15,81 km per uur

Overnachting: Gites de France in Bogny

Weer:              Wind, in de namiddag opklaringen

 


Vanmorgen zijn we vertrokken en er stond ontzettend veel wind, ook regende het nog af en toe. Vanuit Oteppe zijn we naar Namen gereden, dit was eigenlijk niet de bedoeling maar het liep goed via de grote weg. Om 11,45 uur hebben we pauze gehouden in Namen. Vervolgens doorgereden naar Dinant, hier kwamen we het eerste bord tegen van de Camino. Tegenover de Citadel in Dinant hebben we kort wat gedronken op een terras ondanks dat het toen maar 13 graden was.

 

Om 14.30 uur reden we bij Givet, Frankrijk binnen. Hier zouden we de eerste paar weekjes nog wel vertoeven. De route liep vrij vlug in het begin maar in de omgeving van Chooz merkten we dat de Fransen al net zo de wegen aangeven bij wegomleggingen als de Belgen. Op de manier van zoek het zelf maar uit. De aangegeven route liep plotseling dood hetgeen betekende dat je 20 kilometer terug moest, dus dan maar die andere weg. Jammer dan, die kwam uit bij een kerncentrale dus ook nu maar weer omgekeerd. Na een omweg van bijna 30 kilometer eindelijk een weg gevonden naar Monthermé. Hier begint het klimmen.

De woorden van Har Faems uit Maasbracht klinken ons duidelijk in de oren. Toen we tijdens de voorbereiding van onze reis bij hem ooit op bezoek zijn geweest vertelde hij ons dat de Ardennen ons nog wel eens zwaar konden tegen vallen en niet alleen de Ardennen in België maar ook in Frankrijk.

De weg die we genomen hebben klimt over een lengte van ± 15 kilometer en tot overmaat van ramp begint de achterband van Jos leeg te lopen. Peter was al een stuk doorgefietst dus moest Jos een stuk lopen. Boven op een helling heeft Peter (die verantwoordelijk was voor de fietsen) de binnenband van Jos vervangen door een andere en de reis kon weer worden voortgezet.

Het werd echter steeds later en we konden nergens een camping vinden ondanks dat dit wel stond aangegeven op het door ons zelf gemaakte route schema. Inmiddels waren we wel al langs een Gites de France doorgereden. Plotseling stond er een hotel aangegeven, nou dan nemen we dat maar was onze reactie echter het hotel was gesloten!

Dan maar weer terug naar Bogny, waar we een Gites de France hadden gezien. Het was inmiddels 21.30 uur en beiden hadden we het eigenlijk wel gehad voor vandaag. Gelukkig was er nog ruimte in deze Gites, de jonge dame die ons hielp kon ons echter geen prijs vertellen omdat de moeder die dit normaal regelde niet thuis was, maar dat konden we morgenvroeg wel met haar afhandelen. De fietsen mochten we in een garage zetten.

De verassing over de prijs zou echter morgen pas volgen.

Nadat we beiden waren gedoucht hebben we wat eten gemaakt en zijn toen maar naar bed gegaan.

 

Dag:                3

Maandag         26-05-2003

Vertrek:           08.00 uur            Aankomst:             19.30 uur         Werkelijke fietstijd: 6.01 uur

Afstand:           84,48 km            Totale afstand:      310,83 km       Gemiddeld: 14,04 km per uur

Overnachting: Camping Le Babon in La Chesne

Weer:              Zonnig 20°

 


Om 07.00 uur liep de wekker af en hebben we onze tassen ingepakt. Voor ontbijt hoefden we gelukkig niet te zorgen want dat was bij de overnachting inbegrepen. In een grote woonkamer hebben we samen met nog 4 andere gasten, de heer en vrouw des huizes en hun dochter met schoonzoon zitten ontbijten. Op de vraag van Jos hoeveel we verschuldigd waren ging de vrouw des huizes de nota opmaken. Nou dat was dus de verrassing waar we gisteren al melding van maakten. Voor 2 personen moesten we € 49,50 betalen, dit was inclusief € 1,50 voor de “garage”. Dan was ons kasteel in Oteppe stukken goedkoper.

Maar ja niet achteraf zeuren, we hebben een bed en ontbijt gehad maar voor ons geen Gites de France meer.

De tweede verassing kwam in de garage, De achterband van Peter was ook lek, dus ook hier maar een nieuwe opleggen. Als dit de voortekenen voor de hele reis zijn dan gaat het ons heel wat banden kosten.

Nadat we ook hier een nieuwe binnenband hadden opgelegd hebben we nog even de band van Jos wat bijgepompt en ja hoor nu ging het ventiel van de binnenband kapot. Geen goede reclame voor GoodYear. De laatste reserve band moest er nu al op, dat betekent dat we vandaag nieuwe binnenbanden moeten zien te krijgen.

Nadat we in Bogny wat boodschappen hadden gedaan konden we eindelijk op pad, het was inmiddels lekker warm en we moesten al meteen met een klim van 4 kilometer beginnen. Hierna volgde een afdaling naar Charlevilles des Mezieres waar we onze eerste stempel hebben gehaald bij de plaatselijke VVV. De dames waren zo vriendelijk ons te vertellen waar een fietsenzaak lag, maar, vertelden ze, die ging pas om 13.00 uur open. We hebben toen van alles overwogen, wachten totdat we nieuwe banden hadden, banden plakken en in een volgende plaats kijken naar een fietsenzaak, de trein nemen naar de volgende rustplaats zodat we niet te veel tijd zouden verliezen etc. Uiteindelijk hebben we gewoon gewacht tot 13.00 uur. Op een gegeven moment kwam een kraanmachinist naar ons toegelopen met de vraag of we in de fietsenzaak moesten zijn want dan stonden we verkeerd. De ingang was namelijk in een andere straat. Nou dan hadden we kunnen wachten tot we groen en geel waren. Snel naar die andere straat en nieuwe banden gekocht. Inmiddels was het al 15.00 uur, dus veel hadden we nog niet gefietst.

We zouden op tijd een camping gaan zoeken, bleek dat we helemaal verkeerd zaten. Bij een hotelletje gevraagd of er plaats was maar helaas, zij verwezen ons door naar een Gites Rural maar hier deed niemand open. Toen hebben we de stoute schoenen maar weer aangetrokken en zijn we helemaal terug gefietst waar het was fout gegaan. De route weer opgepakt richting Filze en vervolgens naar Vendresse. Dit was echter weer een klim van een paar kilometer maar om 19.30 hadden we dan toch eindelijk een camping. Ondanks alle tegenslagen van vandaag blijft de moraal goed en blijven we lekker doorgaan met O..H..-en.

 

Bij het vertrek vanmorgen het zadel van Jos enkele millimeters omhoog gezet bepaalde lichaamsdelen moesten nog langer mee dan vandaag. Heeft goed geholpen.

 

 

Dag:                4

Dinsdag           27-05-2003

Vertrek:           09.30 uur            Aankomst:             19.30 uur         Werkelijke fietstijd: 7.46 uur

Afstand:           132,18 km          Totale afstand:      443,01km        Gemiddeld: 17,70 km per uur

Overnachting: Ibis Hotel in Châlons en Champagne

Weer:              Zonnig 25°

 


Ondanks het gebrul van de kikkers afgelopen nacht hebben we goed geslapen. De camping lag aan het water en we hadden een mooi plekje. Om 7.00 uur werden we wakker en de zon scheen al volop. Om 08.00 uur kwam, flink toeterend, de bakker over de camping gereden en kon je lekker vers brood kopen ook had hij lekker gebak bij zich hetgeen we dan ook maar hebben gekocht voor onderweg.

We hebben op ons gemak gegeten en zijn pas om 09.30 uur vertrokken. Bij de receptie zijn we eerst gaan betalen, wij ingewikkeld Frans aan het praten, bleek dat de uitbaatster een Nederlandse vrouw was.

Ook nu was het eerste stuk weer klimmen geblazen. Het lijkt tot nu toe vaste prik, s’morgens bij het vertrek een paar kilometer klimmen en s’ avonds aan het eind van de dag idem.

Maar vandaag maakt de omgeving veel goed. Uitgestrekte landerijen met prachtige gele koolzaadvelden.

 

In Beffu hebben we lekker genoten van de lekkernij van de bakker.

In Varennes-en-Argonne bleken alle winkels dicht te zijn zelfs de kerk was gesloten dus een 2e stempel konden we wel vergeten.  In dit dorpje was een enorm groot oorlogsmonument ter nagedachtenis aan de beiden wereldoorlogen. Hier hebben we een stokbroodje verorberd met wat water. In deze 4 dagen hebben we al heel wat liters water gedronken. Bij het vertrek uit Varennes werd het erg donker en we vreesden voor een fikse regenbui, gelukkig bleef deze uit. Na Varennes doorkuist men de dichte bossen van de Argonne, gelegen op een heuvelrug, gevolgd door een afdaling naar Aisne. De omgeving vormt een voorbode van de zacht glooiende open akkerbouwstreek van de Champagne.

 

Bij het plaatsje of liever gezegd gehucht, le Four de Paris, zat op de paal van het plaatsnaambord een sticker van “Langs oude wegen”deze zouden we nog vaker tegenkomen. Snel hiervan een foto genomen en weer verder. In St Remy sur Bussy opnieuw inkopen gedaan.

Als de vermoeidheid toeslaat ga je fouten maken, in Bussy le Château gingen we rechts de D79 op in plaats van links. Na ± 20 kilometer kwamen we er achter dat we helemaal fout zaten. Toen we een bord met Châlons en Champagne zagen hebben we besloten dit maar te volgen ondanks dat we nu op een Route National kwamen en dus vrij druk is.

Châlons en Champagne is de eerste grote stad op de route. Zij vormt het noordelijke centrum van de Champagnestreek.

 

Om 18.00 uur waren we eindelijk in Châlons, dit is een vrij grote stad en omdat het al laat was en we ook nog de kleren moesten wassen, hetgeen we gisteren niet gedaan hadden, zijn we maar op zoek gegaan naar een hotel en niet naar een Camping. In het boekje “Langs oude wegen”wordt er gesproken over “Hotel de Ville”, gezien de butlers die hier voor de deur stonden en de dure auto’s, hebben we toch maar besloten om iets anders te zoeken want ik denk niet dat wij er in onze wieleruitrusting waren ingekomen en trouwens ook de prijs is voor een “pelgrim” als ons natuurlijk veel te hoog.

Dan maar weer de stad uit, even buiten Châlons hadden we een Ibis hotel gezien. Dit hebben we dan ook maar genomen, de fietsen mochten we binnen in een vergaderzaaltje zetten.

Morgen gaan we eerst nog voor één of twee reserve banden kijken en tevens even naar de fiets van Peter laten kijken want er zit iets los in het krankstel. Dit was ook al het geval toen we voor de eerste beurt naar de Arend in Maasbracht gingen. Ook toen hebben ze dit al vastgezet, geen goede reclame voor Sparta en de Arend dus.

 

 

Dag:                5

Woensdag       28-05-2003

Vertrek:           11.30 uur            Aankomst:             14.00 uur         Werkelijke fietstijd: 2.47 uur

Afstand:           43,45 km            Totale afstand:      486,46 km       Gemiddeld: 17,57 km per uur

Overnachting: Vrij kamperen bij café Slavia in Dommartin Lèttrée

Weer:              Zonnig 25°

 


Om 08.00 uur zijn we in het Ibis hotel gaan ontbijten. We hebben besloten om de fiets van Peter eerst door een fietsenmaker te laten maken alvorens we nog verder iets kapot rijden. Van de bedrijfsleider van het hotel krijgen we twee adressen die ons eventueel kunnen helpen bij het herstel. Châlons is een vrij grote plaats dus het werd nog even zoeken ondanks de uitleg die we hadden gekregen.

In Frankrijk zit in ieder bushokje een plattegrond van de omgeving, Peter is hier gaan kijken. Nu moet je weten dat deze abri’s hoofdzakelijk uit glas bestaan en er zit niets op dit glas. Dus na een harde klap trok Peter eventjes wit weg, hij was namelijk tegen die abri opgelopen. Een dikke buil op zijn hoofd was het enige wat er daarna van overbleef. Ondanks dit hebben we de fietsenzaak na een goed uurtje gevonden.

 

De jongeman in de zaak hebben we proberen duidelijk te maken wat er aan de hand was. Hij was direct bereid ons te helpen, want hij zag dat we op doortocht waren, echter het zou toch een uurtje of twee gaan duren.

Mijn fiets mocht ik ook zolang in de winkel achterlaten. We zijn bij een winkelcentrum in de buurt een kop koffie gaan drinken. Tegen 11.30 uur zijn we teruggelopen naar de zaak en toen bleek dat de fiets gelukkig gerepareerd was en konden we na betaling van slechts € 14,00 eindelijk onze reis vervolgen. We hadden de juiste route weer heel snel gevonden.

 

Dat Frankrijk groot is dat wisten we nog wel van vroeger op school maar nu weten we ook waarom het “de graanschuur van Europa” werd genoemd. Gigantisch uitgestrekte graanvelden zo ver als je kon kijken en om de zoveel kilometers enorm grote graansilo’s.

Tijdens het fietsen hebben we besloten om niet langer dan 15.00 uur te fietsen en dan er voor de zorgen dat we de was gedaan kregen en dat deze kon drogen want dat was de afgelopen nacht niet zo erg gelukt.

In Dommartin Lèttrée zijn we vanwege de warmte een klein barretje binnengegaan en hier 2 cola besteld. Er zaten nog papieren etiketten op deze flesjes die je bij ons geloof ik 15 jaar geleden nog kreeg. We werden geholpen door een oud vrouwtje en haar zoon, die veel weg had van een kolenboer gezien zijn kleding en kleur van de handen en gezicht. Op de vraag van Jos of ze misschien een camping in de buurt wisten, omdat dit ook in “Langs oude wegen” stond, vroeg de zoon ons om mee naar buiten te gaan. Achter een oude vervallen schuur lag een grasveldje waar enige tijd geleden het gras een beetje was afgedaan.

Hier mochten we van hem gerust overnachten, toilet was aan de andere kant van de woning, nog zo één met een hartje in de deur!!

Wassen moesten we ons eveneens buiten en een douche daar had hij volgens mij nog nooit van gehoord.

Hij wees ons ook op de sticker van “Langs oude wegen” die op de deur zat, die hadden ze vorig jaar ontvangen van iemand die de route controleerde zei de zoon.

Nou slaapplaats hadden we dus, nu nog maar even vragen of men ook een plek wist om te eten. Hij liep weg de keuken in en we keken ons beiden even raar aan. Na enkele ogenblikken kwam hij weer terug met in zijn ene hand een grote plak ham en in zijn andere hand 2 eieren. Hij vroeg ons of dit voldoende was voor de avond, natuurlijk was het een vreemd gezicht maar wij waren al snel tevreden en gingen ermee akkoord. In dit café stond volgens ons de tijd stil ondanks dat er in het hele pand toch kunststof kozijnen van vrij recente datum zaten.

Na de cola gingen we over op pils, omdat we onze zoektocht naar overnachting en eten niet meer hoefden voort te zetten. Telkens ging de moeder mee naar een kamertje waar zij de sleutel van had en gaf de zoon dan de gevraagde flesjes bier.

Toen we de zoon vertelden dat er in “Langs oude wegen” een foto stond van hun pandje kon hij dat al beamen.

Jos vertelde hem dat we uit Limburg kwamen, ja hij was bekend in Nederland, want hij was al ooit in Geleen geweest. Is dat nou toeval of wat is dit.

Ook vertelde hij ons dat er nog niet zolang geleden ook mensen vanuit Geleen bij hen hadden overnacht.

 

We hebben daarna ons tentje opgezet en lekker de was te drogen gehangen. Zelfs de kleren die we vandaag hebben aangehad zijn al gewassen en hangen te drogen. Peter heeft de fietsen grondig nagekeken en al boutjes en moertjes nagetrokken, tevens heeft hij de fietsen een beetje gepoetst. Dit laatste was wel nodig na die buien van het afgelopen weekend.

 

Om 19.00 uur zijn we gaan eten, we vroegen ons af hoe we die ham en eieren zouden krijgen, nou dat werd snel duidelijk. Op 4 sneetjes wit brood kregen we de ham ook samen met een klein bakje pudding, de eieren zullen wel op zijn was onze gedachte want die kwamen niet. Na ongeveer een half uur kwam hij met 2 gebakken eieren aanzetten voor ieder van ons echter zonder brood. Nou al met al heeft het toch gesmaakt.

 

De versheid datum van de pudding en van het bier was dik oké maar over de cola blijven we twijfelen. Het zal ons benieuwen wat we morgen moeten betalen.

 

 

Dag:                6

Donderdag      29-05-2003

Vertrek:           08.15 uur            Aankomst:             18.15 uur         Werkelijke fietstijd: 6.40 uur

Afstand:           116,46 km          Totale afstand:      602,92 km       Gemiddeld: 18,18 km per uur

Overnachting: Camping Des Mottes in Ervy le Châtel

Weer:              Zonnig 25°-28°

 


Vanmorgen zijn we om 08.00 uur een kop koffie gaan drinken in het cafeetje. De zoon was al op maar de moeder sliep nog.

We zijn vannacht wel wakker gehouden door de kerkklok van het dorpje, deze sloeg elk uur maar ook nog eens 2 minuten voor het uur en het aantal keren klopte al helemaal niet dan sloeg ze 10 keer en dan weer een keer 15 maal en zo de hele nacht door.

De zoon had de rekening voor het eten drinken en ‘overnachten’ al klaar, € 33.00 voor ons beiden, dat was dus weer goedkoop.

De tent hadden we eigenlijk zo moeten plaatsen dat hij s’morgens direct in de zon staat, dan is hij sneller droog, nou ja een weet voor de volgende keer.

Tijdens het poetsen van de fietsen gisteren hadden we de pendalen iets losser gezet zodat we wat makkelijker konden inklikken. Bij Jos gaf dat al vrij vroeg problemen en moesten dan ook onderweg opnieuw worden vastgezet.

 

Ook nu weer konden we urenlang fietsen zonder ook maar een enkel dorpje tegen te komen. Het is een prachtige route vandaag, nu hebben we het weer ook wel mee.

Rond de klok van één hebben we de allereerste pelgrim zien lopen. Kort hebben we een praatje met hem gemaakt. Hij was al sinds 1999 aan het lopen vanuit Hamburg. Elke vakantie, herfst- zomer- en voorjaarvakantie liep hij telkens één week een stuk van de hele route naar Santiago. Deze vakantie wilde hij tot Troyes lopen. Moet je voorstellen hier waren wij rond 15.00 uur, terwijl hij er nog een aantal dagen over moet doen.

In Troyes hebben we foto’s genomen bij de Seine die hier niet meer dan een smal beekje is, terwijl het in Parijs toch anders is.

In de kathedraal van Troyes werd ons meegedeeld dat we voor een stempel een paar straten verder moesten zijn. Helaas deed hier niemand open dus ook geen stempel.

Na een dik uur waren we eindelijk uit Troyes.

Troyes is de hoofdstad van de Champagne en is in 1524 door een grote brand helemaal verwoest. Een groot deel van de stad is in de 2e wereldoorlog opnieuw verwoest, maar de sporen hiervan zijn uitgewist.

Tussen Troyes en Ervy-le-Châtel leidt de route over rustige wegen met lichte hellingen, door een afwisselend kleinschalig landelijk gebied met groene dorpen en bossen op de achtergrond.

 

Ondanks dat het Hemelvaartsdag was waren in de dorpjes toch nog veel winkels open. Dit kwam goed uit konden we tenminste weer koude cola en fruit kopen.

Toen we bij één van zo’n winkeltje onze fiets stalden en we wat tegen elkaar aan het praten waren wat we nodig hadden, riep iemand vanuit de winkel ‘goedemiddag’ naar ons. Bleek er een Nederlands vrouwtje eigenaresse te zijn van dat winkeltje. Ze vroeg ons waar we heen gingen en waar we vandaan kwamen. Toen we haar dit vertelden zij ze dat er wel veel noorderlingen voorbij kwamen maar toch maar erg weinig Limburgers. Zij zelf bleek een “Sittesj maedje” te zijn, en ze zij dat ze vroeger al moe was als ze van Sittard naar Geleen moest fietsen.

Door de brandende zon beginnen de armen en benen er al erg rood uit te zien.

We hadden al besloten om vandaag iets van onze opgelopen achterstand af te halen en dat ging eigenlijk vrij probleemloos. Rond een uur of 4 zijn we in de omgeving van Chamoy een klein barretje binnengegaan om uiteraard weer een cola te drinken. Of we er zo uitgedroogd uitzagen weten we niet maar één van de dorpsbewoners bood ons spontaan deze cola aan. Alhoewel hij viel bijna van zijn kruk toen hij hoorde dat we helemaal met de fiets uit Nederland kwamen, of zou het de wijn zijn geweest die hij nogal rijkelijk tot zich nam.

Vervolgens zijn we doorgestoomd naar Ervy en zoals we al dagen gewend zijn het toetje komt altijd aan het eind van de dag, een flinke klim van 4 kilometer.

Vanmorgen een SMS ontvangen van Ans + Louis, wilden ons ondanks de tegenslagen met de fiets toch veel succes wensen. We hebben hem meteen een SMS gestuurd en bedankt, hoe hij het klaar speelt weet ik niet maar telkens als we van Louis een SMS ontvangen, ook in de komende dagen, zitten we meestal in een klim.

's Avonds heeft Jos nog aan Marjo de laatste nieuwtjes doorgegeven zodat zij de webpagina kon bijwerken, ze had bijna nooit met computers gewerkt en nu begon ze het ook nog leuk te vinden zo erg zelfs dat ze tijd niet in de gaten hield en het al gauw middernacht door was.

Désirée heeft nog gebeld ze was in Tenerife op vakantie. Om 22.00 zijn we dan toch maar naar bed gegaan, moest wel eigenlijk want het stoeltje van Jos, dat we al 2 dagen provisorisch hadden gemaakt was nu helemaal kapot.

 

Dag:                7

Vrijdag             30-05-2003

Vertrek:           08.15 uur            Aankomst:             17.45 uur         Werkelijke fietstijd: 6.19 uur

Afstand:           98,61 km            Totale afstand:      701,53 km       Gemiddeld: 15,92 km per uur

Overnachting: Camping Municipal in Châtel Censoir

Weer:              Zonnig 32°

 


Het grootste probleem bij het vertrek is om de tent weer iets droog te krijgen deze is s’morgens nogal nat aan de binnenkant door de condens.

De camping hadden we gisteravond al betaald, want de meeste campingbeheerders zijn pas vanaf 09.00 uur aanwezig.

In Ervy bij de plaatselijke bakker brood, cola en vanille gebakjes gehaald. Meestal fietsen we een uurtje alvorens we stoppen om iets te eten.

Jos, die kassier is tijdens deze tocht, heeft bij de plaatselijk Bank geld gepind, krijgt hij allemaal coupures van € 5.00, was de beurs meteen echt gevuld.

Het was al behoorlijk warm, later die dag kwamen we zelfs stukken asfalt tegen die aan het smelten waren. We reden door prachtige gebieden met allemaal wijngaarden. In Bleigny zag je zover als je kon kijken allemaal wijnranken. Rond het middaguur waren we in Auxerre, alweer een grote stad waar de kathedraal gesloten was. Nou zo schiet het lekker op met die stempels.

Na Auxerre zijn we door het fraaie dal van de Yonne gereden.

Door de hitte verbruikten we heel wat vocht. Op een dag als vandaag hebben we 7 liter water gedronken en 4 liter cola.

We blijven de Yonne volgen, 3 kilometer van Mailly-la-Ville vormen steile kalkrotsen een ware muur langs de route. Diverse sportievelingen beoefenden hier hun klimkunsten.

In Châtel Censoir hebben we een Camping genomen, alleen de eigenaar is er niet die komt morgenvroeg pas.

Peter heeft s’avonds nog met zijn moeder gebeld en die vertelde hem dat ze gisteren met Wilbert en Corinne in Auxerre waren geweest om ons op te zoeken. Helaas een dag te vroeg want daar waren we vandaag pas.

Op de camping staan 2 oudere mensen uit Nederland, ze kwamen uit de omgeving van vliegveld Eelde. Ze vertellen honderd uit. Als de vrouw in de gaten heeft dat we toch graag onze tent willen opzetten en ons iets willen wassen zegt ze tegen haar man “geef die jongens 2 muntjes om te douchen” want die had je schijnbaar nodig. We konden hun morgen die muntjes wel teruggeven. Haar man antwoordde toen (zoals elke zuinige Hollander doet) “oh ze kunnen zich wel met koud water douchen”. Nou je kunt begrijpen dat voor ons de gesprekken toen snel beëindigd waren.

's Avonds in een klein barretje lekker gegeten en of we zoveel fooi gegeven hadden weten we niet maar toen wij gingen werd de zaak gesloten.

 

 

Dag:                8

Zaterdag          31-05-2003

Vertrek:           08.30 uur            Aankomst:             17.15 uur         Werkelijke fietstijd: 5.56 uur

Afstand:           83,57 km            Totale afstand:      785,1 km         Gemiddeld: 15,02 km per uur

Overnachting: Camping Plan d’Eau in Prémery

Weer:              Zonnig 35°-38°

 


Vanmorgen weer op tijd opgestaan. Betalen was niet mogelijk want de campingbeheerder zou pas om 09.00 uur komen en daar wachten wij natuurlijk niet op. Dus wij slim en voor die tijd weg.

Peter heeft slecht geslapen zegt hij door het lawaai van de vogels.

Zoals gebruikelijk kwam er al vrij snel een lange klim van zo’n 3 á 4 kilometer en dat al bij een behoorlijke temperatuur.

Na de klim hebben we iets gegeten maar het brood was al van eergisteren dus het meeste hebben maar aan het wild gegeven dat hopelijk rondloopt in de bossen. Na nogmaals een flinke klim kwamen we in Vézelay aan. We speelden eerst met de gedachten om door te fietsen maar hier start toch één van de vier routes in Frankrijk naar St Jean Pied de Port dus toch begonnen aan de klim naar de kerk. Er waren heel wat dagjesmensen met bussen gekomen die te voet omhoog gingen. Onderweg zag je op de grond de schelpen van brons liggen ten teken van de Jacobsroute. Nu begint het pelgrimsgevoel pas echt te komen. Van alle kanten word je bekeken. De fietsen worden van onder tot boven geïnspecteerd.

 

Halverwege de berg werden we aangesproken door een Belgisch echtpaar. Hij kwam uit Bree en zij uit Brussel. Ze waren al jaren getrouwd en woonden nu in Brussel. De vrouw, onderwijzeres van beroep vroeg honderduit hoe we alles geregeld hadden, hoe we aan de route kwamen, hoe we aan adressen waren gekomen en nog veel meer.

Hij was gids geweest in Zwitserland voor één of andere organisatie. Ze wilden zo graag hetzelfde doen maar dan te voet. Ze gingen zelfs met ons mee naar het kantoortje van het Franse genootschap dat vlak voor de kerk boven de plaatselijke VVV lag.

Van een medewerkster van het genootschap werd ons een glas water en een koekje aangeboden, ondertussen plaatste ze de stempels in onze Credential. Haar mannelijke collega kon ons zelfs de naam vertellen van de voorzitter van het Limburgs genootschap.

Nadat we de stempel in ontvangst hadden genomen moesten we nog voor een foto poseren met een uitgaven van een Nederlands routeboek dat hier tentoon gesteld lag.

Na al de aangelegenheden zijn we onder in het dorpje spek met eieren gaan eten want dat hadden we de vorige week zaterdag bij het vertrek toch ook gedaan.

 

Vanuit Vézelay zijn we naar Corbigny gefietst waar een gezellige jaarmarkt was waar vooral allerlei soorten wijn werd verkocht uit de streek.

Na opnieuw een lange klim en een korte afdaling komen we in Prémery. Omdat we niet direct een bordje met camping vinden zijn we in een klein dorpscafé gaan vragen. Op de camping aangekomen hoefden we van de eigenaar niet te betalen omdat we pelgrims waren. Als dit zo door gaat houden we straks nog geld over. Vrij laat zijn we in het dorp in een exclusief restaurantje iets gaan eten, weg winst dachten we maar achteraf gezien viel de prijs erg mee.

 

 

Dag:                9

Zondag            01-06-2003

Vertrek:           08.30 uur            Aankomst:             19.15 uur         Werkelijke fietstijd: 7.37 uur

Afstand:           121,04 km          Totale afstand:      906,14 km       Gemiddeld: 16,42 km per uur

Overnachting: Camping Municipal in St. Armand

Weer:              Zonnig 35° s’avonds bewolkt en een fikse regenbui

 


Vanmorgen om 07.00 uur liep de wekker weer af of liever gezegd de GSM, die gebruikten we namelijk als wekker. Nadat we gewassen en geschoren zijn beginnen we met het inpakken van de tassen en tot slot breken we de tent af dan heeft deze nog even te tijd om te drogen. Dit is een vast ritueel. Het opzetten en afbreken gaat steeds sneller.

Even buiten Prémery begint het dagelijks feest weer, namelijk een klim van een aantal kilometers. Je moet nu niet denken dat we alleen maar klimmen uiteraard zijn er ook genoeg afdalingen, maar toch hebben we sterk de indruk dat dit laatste veel minder is.

Nadat we vers brood hebben gekocht en dan ook maar meteen hebben gegeten zijn we vrij vlug op weg naar Nevers. Onderweg, het is alsof ze het ruiken, krijgen we tijdens een beklimming weer een SMS van Ans + Louis.

In Nevers waren de meeste winkels dicht, uiteraard het was zondag, maar toch gold hier ook al voor enkelen een 24 uurs economie.

 

Na Nevers fietsen we door prachtige landschap en na ongeveer 10 kilometer fietsten we over een aquaduct en een drie-trappensluis van het Canal du Centre. Door het wegslaan van een brug over de Allier word de route via het aquaduct veel gebruikt door fietsers. Het is een uniek stukje fietsroute.

Vervolgens komen we in Apremont, dit is volgens zeggen één van de mooiste dorpjes van Frankrijk. Het is sfeervol gerestaureerd en er ligt een groot bloemenpark. De buitenmuren van het lokale bloemenwinkeltje waren helemaal versierd met planten.

Ondanks het warme weer vlotte het vandaag. De route voerde voor een groot gedeelte langs het Canal de Berry.

Tegen een uur of 4 pakten zich echter donkere wolken boven ons samen en voor dat we het goed en wel in de gaten hadden viel het water met bakken uit de hemel. In een abri hebben we zeker een uur staan schuilen voor de regen en het onweer.

We zouden vandaag onze achterstand goed maken, dus dat betekende regenjassen aan en door naar St. Amand-Montrond. Hier ging het bijna fout nadat we al diverse mensen de weg naar de camping hadden gevraagd kregen we steeds weer een andere uitleg. Na zeker 2 uur waren we eindelijk bij de camping.

Peter heeft nog even naar de fietsen gekeken en Jos heeft ondertussen voor het eten gezorgd. Rond 22.00 uur met het thuisfront gebeld en het laatste nieuws meegedeeld zodat ze de website konden bijwerken. Ze doen dit bijna elke avond, wel maar een korte omschrijving maar toch wel de hoogtepunten.

Deze nacht heeft het flink geonweerd. Naast ons lag een man uit Heusden, hij wil de route in 4 weken af leggen. Op zijn vraag hoe wij de terugreis hadden geregeld hebben we hem verteld dat we dat al in Nederland hebben gedaan via internet.

 

 

Dag:                10

Maandag         02-06-2003

Vertrek:           10.45 uur            Aankomst:             18.30 uur         Werkelijke fietstijd: 6.10 uur

Afstand:           86,85 km            Totale afstand:      992,99 km       Gemiddeld: 14,23 km per uur

Overnachting: Camping Municipal in Cluis

Weer:              Tot een uur of 10.00 regen daarna opklaringen en 22°

 


Dit is zo’n dag om eigenlijk maar niet te veel over te schrijven. De hele nacht slecht geslapen door het onweer. Zijn zelfs een keer de tent uitgeweest om deze opnieuw vast te sjorren.

Zijn pas om 8.30 uur opgestaan want het regende nog altijd, maar ja als het de komende 14 dagen blijft regenen kunnen we toch ook niet blijven wachten totdat het droog wordt, dus regenjassen aan en op pad. Na een klein uurtje begon het eindelijk op te klaren en al spoedig stond de zon weer op onze toch al verbrandde armen te schijnen.

Kort na St. Armand-Montrond wachten weer enkele heuvels met bijna ontvolkte dorpjes, die stil tot verval raken.

Waar we geen rekening mee hadden gehouden was dat ook hier op maandagochtend veel winkels gesloten zijn. Dus geen brood tot vanmiddag. Het was dus afzien op weg naar le Châtelet en dit was zo’n weg net als een wasbord, omhoog – omlaag en weer omhoog en dat 20 kilometer lang.

Doordat we geen brood of iets anders bij ons hadden komt gegarandeerd de klap met de hamer. Pas in la Châtre konden we ’s middags om 14.30 uur onze eerste boodschappen doen. Ook hebben we hier een nieuw stoeltje gekocht voor Jos omdat het eerste al na enkele dagen defect was.

Door de hongerklap blijft het echter de hele tijd moeizaam gaan. In Neuvy aangekomen besloten we een camping te nemen en niet meer verder te gaan. Probleem was echter dat de camping pas op 1 juli open ging dus dan maar weer verder naar Cluis want ook hier zou een camping liggen. Nadat we ook hier al bijna de hoop hadden opgegeven zagen we pas buiten het dorp een bordje ‘camping’ staan.

Op de camping aangekomen bleek ook deze gesloten te zijn echter de poort stond open. We hebben gecontroleerd of er water was en stroom, nou en dat was er. We hebben toen maar illegaal de tent opgezet.

 

 

Dag:                11

Dinsdag           03-06-2003

Vertrek:           09.30 uur            Aankomst:             14.45 uur         Werkelijke fietstijd: 3.56 uur

Afstand:           52,89 km            Totale afstand:      1.045,88 km    Gemiddeld: 14,84 km per uur

Overnachting: Camping Suisse Ocean in La Souterrain

Weer:              Licht bewolkt 23°

 


Vanmorgen om 04.00 uur is het begonnen met plenzen. Toen we om 07.00 wakker werden regende het nog steeds. Gisteravond hadden we al afgesproken dat we het vandaag rustig aan zouden doen en op tijd een camping zouden gaan zoeken. We kunnen ons dan weer fatsoenlijk wassen en tevens kunnen we dan onze kleren wassen want dat hebben we gisteren niet kunnen doen.

In het boekje “Langs oude wegen” stond vermeld dat het traject verder heuvelachtig zou zijn en het lijkt veel op dat van de Ardennen, de geoefende fietser zou daar nu wel aan gewend zijn. Nou dat viel dus toch nog wel tegen.

 

Onze route voert via Crozant, dit ligt boven een indrukwekkende kloof die de rivier de Creuze in de loop der tijden heeft uitgesleten: rotspartijen, donkere bossen en de contouren van een voormalige burcht is hetgeen we zien. Na een snelle afdaling tot de brug over het smalle stuwmeer volgt een pittige klim naar het enigszins toeristische stadje.

Crozant werd in één van de eerste “pelgrimgidsen” al genoemd als een belangrijke oversteekplaats van de Creuze.

Wat ons in deze omgeving opvalt zijn de kleine huisjes op de kerkhoven. Deze lijken net op broeikastjes.

In La Souterrain hebben we een camping genomen. Peter blijft de fietsen regelmatig nakijken.

Vandaag hebben we de 1000 kilometers achter ons dus 1/3 zit er op dat is dus wel een pilsje waard.

Op de camping ligt een Belg die vanuit Brussel op 1 mei te voet vertrokken is en hij hoopt eind juli aan te komen. Er is respect van onze kant uit, je kunt je haast niet voorstellen dat je dagelijks met zware bepakking zo een eind moet lopen. Wij balen al als we weer van die lange rechte wegen zien.

Bij aankomst op de camping was er een schitterend restaurant, hier zouden we ’s avonds wat gaan eten. Nou jammer dan om 19.00 uur was het restaurant gesloten. Moesten we zelf maar weer wat maken.

’s Avonds nog een fikse regen en onweersbui gehad, maar het was maar van korte duur.

Mochten we in tijdnood komen omdat we via Lourdes gaan besluiten we om één dag te trein te nemen. (later blijkt dat dit gelukkig niet nodig is)

 

 

Dag:                12

Woensdag       04-06-2003

Vertrek:           08.20 uur            Aankomst:             16.15 uur         Werkelijke fietstijd: 5.44 uur

Afstand:           78,25 km            Totale afstand:      1.124,13 km    Gemiddeld: 14,38 km per uur

Overnachting: Camping Municipal in St Leonard de Noblat

Weer:              Bewolkt 22°-25°

 


Vannacht begon het voor de derde achtereenvolgende nacht te regenen en onweren. Gelukkig was het bij het opstaan droog, alleen de tent hebben we nat moeten inpakken.

Vandaag staan er weer diverse klimmetjes op het programma. De Belg die eveneens op de camping stond was al vroeg vertrokken, we hebben hem ook niet meer gezien. De wandelroute loopt niet overal gelijk met de fietsroute.

Even buiten La Souterrain hebben we meerdere wandelaars gezien die op weg waren naar Santiago.

In Bénévent begon het plots te regenen. We waren gestopt om onze regenjassen aan te doen, toen plotseling iemand van de overkant naar ons toegelopen kwam. Hij vroeg ons in het Frans of we de Camino aan het volgen waren. Op een bevestiging onzerzijds vroeg hij ons om even mee te komen naar zijn huis aan de overkant.

Hij wist een adres waar we ‘s avonds eventueel konden overnachten voor slechts € 22,00 met ontbijt. Toen we bij hem de oprit opliepen zagen we bij zijn brievenbus een grote schelp zitten en een plaatje van “docteur”. Via de kelder kwamen in een oude spreekkamer terecht, hier stonden de kasten vol met boeken over St. Jacques in allerlei talen, ook in het Nederlands. Hij vertelde ons dat hij arts was geweest en dat hij voorzitter was van een onderdeel van het franse genootschap. Hij vroeg of we onze stempelkaarten bij ons hadden want hij had een officiële stempel.

Toen hij ons het adres voor de overnachting wilde opschrijven kwam hij er achter dat dit adres een week voor Pinksteren gesloten was, helaas dus.

Zelf had de goede man de Camino nog nooit gelopen, hij was in de oorlog gewond geraakt aan zijn knie en kon niet zo’n grote afstanden lopen. Na afscheid van hem te hebben genomen zijn we in een flink tempo doorgereden naar St. Léonard.

Al vroeg stond aangegeven dat er een camping was echter deze lag 5 kilometer buiten de stad.

Aangekomen bij de camping hing er een groot bord op met de mededeling dat de camping pas 15 juni openging. We krijgen langzaam ervaring in gesloten campings dus gingen we eerst kijken of de douches open waren en of er stroom was. Ja er was zelfs warm water op de douches. De camping lag bij een elektriciteitscentrale en hier lag een arbeiderswoning bij.

Daar zijn we gaan vragen of we op de camping mochten staan, dat was voor deze mensen absoluut geen probleem dus wij weer een goedkope nacht.

Er was maar één klein probleempje: vlak voor dat we aankwamen had men het gras afgedaan en niet opgeruimd, omdat alles nat was van een regenbuitje zat de tent binnen de kortste keren onder het gras.

We liggen aan een riviertje de Maude.

’s Nachts barst er een gigantisch onweer los. We zijn niet snel bang uitgevallen maar vannacht hadden we allebei het idee dat we elk moment wakker zouden worden en dat we ergens midden op het riviertje zouden drijven. Doordat de camping tegen een berg aanlag klonken de donderslagen nog eens zo hard.

 

Dag:                13

Donderdag      05-06-2003

Vertrek:           08.30 uur            Aankomst:             16.30 uur         Werkelijke fietstijd: 5.46 uur

Afstand:           79,51 km            Totale afstand:      1.203,64 km    Gemiddeld: 14,56 km per uur

Overnachting: Camping De la Minoterie in Urzeche

Weer:              Bewolkt 25°

 


Vanaf St. Leonard volgt er eerst een gestage klim van drie kilometer het dal van de Vienne uit, waarna het makkelijker blijft golven. Alles liep verder goed totdat we in La Porcherie aankwamen. Hier hebben we alle wegen paden en veldweggetjes gezien maar we kwamen er niet uit steeds kwamen we weer op een dood punt uit. Dit heeft ons zeker 2 uur gekost. Is dat nou wat ze noemen verdwaald zijn.

Op een gegeven moment hebben we besloten om de route te laten voor wat het was en hebben de hoofdweg genomen naar Uzerche via Masseret.

Dit bleek achteraf een geweldige zet te zijn want vanaf Masseret loopt het berg af tot in Uzerche over een afstand van wel zo een 15 kilometer.

Betekent dit, hetgeen we alles wat we de afgelopen dagen geklommen, hadden nu op één dag weer daalden en moesten we morgen weer opnieuw aan de bak?

 

In Urzeche hadden we vrij vlug een prachtige camping gevonden langs de rivier de Vézère. Hier was tevens een kanocentrum gevestigd waar we toch maar geen gebruik van hebben gemaakt. Het was er vrij rustig en het zonnetje schijnt heerlijk. Door al het fietsen en brood met water begint ons “bier”-buikje al behoorlijk te verkleinen.

Vanavond zijn we eens lekker gaan eten. Canard(eend) met diverse groente en frites, daarbij een heerlijke Grimbergen, gevolgd door meerdere.

Het restaurant was een oude boerderij waar we op de binnenplaats hebben gezeten. In één van de stallen was een schitterende Engelse pub nagebootst.

 

Dag:                14

Vrijdag             06-06-2003

Vertrek:           08.15 uur            Aankomst:             18.15 uur         Werkelijke fietstijd: 7.07 uur

Afstand:           96,21 km            Totale afstand:      1.299,85 km    Gemiddeld: 13,6 km per uur

Overnachting: Camping Municipal in Rocamadour

Weer:              Zonnig 30°

 


Uzerche ligt op een rotswand dus het was direct al weer klimmen geblazen en met die alcohol van gisteravond lijkt er geen eind aan te komen.

Vanaf Uzerche hebben we een alternatieve route genomen en niet de gebruikelijk via Donzac, we zijn rechtstreeks naar Brive gefietst en daar de route weer opgepakt.

Eten hadden we voldoende bij ons en we wilden vandaag een flink stuk fietsen zodat we alle achterstand zouden weg werken.

De fietsroute verlaat Brive over kleine en mooie wegen, waar twee forse klimmen voorkomen, waarvan die naar Turenne een van de steilste is. In Turenne was aangegeven dat er een korte maar steile klim zou volgen. Nou dat was er dus een van 22%, dus dat was even lopen geblazen. Tussen Brive en Labastide-Murat ligt vandaag welhaast het zwaarste deel van de route door de vele heuvels die elkaar opvolgen.

Vanaf Brive verschijnen de eerste zuidelijke invloeden, zowel in landschappen en plantengroei als de bouwwijze van kerken en huizen.

Onderweg valt het geluid van de cicaden op, insecten als een groot uitgevallen bromvlieg, niet te verwarren met krekels.

Kort na het verlaten van Martel volgt een prachtige afdaling naar het dal van de Dordogne. Bij het plaatsje St. Sozy rijden we over de Dordogne, in de rivier groeien prachtige bloemen onder water. Het is een prachtige streek waar nogal wat ‘welgestelde’ landgenoten schijnen te wonen die problemen hebben om in Nederland belasting te betalen.

Uiteraard volgt er weer een klim het dal uit en komen we in l’Hospitalet, hier heerst druk autoverkeer en worden we met toeristisch gewoel geconfronteerd. Vanaf een steile rand kun je hier echt genieten van het uitzicht op het dal van de Alzou maar vooral op Rocamadour. Dit stadje ligt werkelijk tegen een rotswand geplakt!

Vroeger werden door Nederlandse bisschoppen boetelingen naar Rocamadour gestuurd voor een alternatieve straf.

In het centrum van Rocamadour leidt de “Grand Escalier” naar de heiligdommen tegen de rotswand. Voor gelovigen die de 216 ruwe treden op blote knieën namen betekende deze de finale boetedoening en nog steeds vindt dit plaats.

Op de camping werden we aangesproken door 2 mensen uit Burgh Haamstede. Zij waren al 40 dagen onderweg maar ze waren op de terugreis, ze waren al in Santiago geweest. Hij had een ½ jaar sabattical leave(een duur woord voor overspannen!!). Ze waren naar Santiago gereden via de westelijke route en wilden nu terug via “Langs oude wegen”. Ze hadden het eerste stuk vanaf Santiago naar Pau met de trein gedaan en wilden nu verder fietsen. Men had ons herkend aan de gele vlaggetjes van het genootschap op onze fietsen. Men verzekerde ons dat het mooist gedeelte van de tocht nog zou komen.

 

 

Dag:                15

Zaterdag          07-06-2003

Vertrek:           08.15 uur            Aankomst:             14.30 uur         Werkelijke fietstijd: 4.37 uur

Afstand:           66,67 km            Totale afstand:      1.366,52 km    Gemiddeld: 15,25 km per uur

Overnachting: Camping Riviere de Cabessat in Cahors

Weer:              Zonnig 30°

 


De weg vanuit l’Hospital naar Rocamadour gaat flink omlaag, Omdat we reeds vroeg op pad zijn, waren de meeste winkels nog dicht in Rocamadour evenals de kerk. Vanuit Rocamadour zie je aan de overkant, tegen de rotswand aan, de weg omhoog lopen die we moeten volgen en niet alleen deze klim er zouden er weer diverse volgen.

 

In Labastidude komt er een stel op ons af en vroeg of we Nederlanders waren. Op een bevestigend antwoord van ons, waren ze zeer geïnteresseerd waar we heen op weg waren en waar we vanaf kwamen. Ze vertelden ons dat de buren van hen dezelfde reis hadden gemaakt. Zo is de interesse van de diverse mensen toch altijd weer groot.

 

Via Labastidude komen we in St Martin de Vers. Een schilderachtig dorpje met een aardig kerkje. Het water van de Vers wordt ook nu nog gekozen vanwege zijn zuiverheid.

Het plaatsje Vers ligt aan de oever van de rivier de Lot. De temperaturen lopen hier zomers op tot gemiddeld 38° en er is sprake van Mediterrane plantengroei.

De fietsroute gaat bij Vers over een fraaie, oude brug naar de overzijde van de Lot. Daar volgt na een lichte klim een prachtig weggetje langs de rotswand van het dal van de Lot.

We hebben vandaag de route beëindigd in Cahors. Cahors is de hoofdstad van Quency, en is aan drie kanten omsloten door de rivier de Lot. Vanuit het klooster en de kathedraal werden in hoogtij dagen grote groepen pelgrims naar Santiago in processie uitgeleide gedaan. De poort met de drie torens en poorten is een van de mooiste vestingbruggen van Europa.

 

De camping die we hier tegenkomen is de eerste met een barretje en een klein winkeltje. Zelfs vers brood kunnen we de volgende morgen krijgen. Van de campingbeheerder hebben we een stempel gekregen, hij had een officiële stempel. Hij vertelde ons dat het vanuit de camping nog 1.200 kilometer was, dus vandaag 2 weken hopen we op de plaats van bestemming te zijn.

Met onze dames in Nederland gebeld ze zaten bij elkaar op de koffie en waren natuurlijk al plannen aan het smeden voor onze thuiskomst.

’s Avonds heeft Ilona gebeld met de mededeling dat Nederland had gewonnen van Wit-Rusland met 2-0. Om eerlijk te zijn wisten we überhaupt niet dat er voetbal was. Want we hebben al dagen geen krant of TV gezien.

 

 

Dag:                16

Zondag            08-06-2003

Vertrek:           08.30 uur            Aankomst:             17.10 uur         Werkelijke fietstijd: 6.47 uur

Afstand:           115,97 km          Totale afstand:      1.482,49 km    Gemiddeld: 17,92 km per uur

Overnachting: Camping Lac des 3 Vallees in Lectoure

Weer:              Licht bewolkt 23°

 


Vanmorgen scheen het zonnetje al vroeg tot op het moment dat we de tent gingen inpakken toen viel er een flinke bui. Waarschijnlijk maar een bangmakertje want het duurde niet lang. Alvorens we zijn vertrokken hebben we eerst het bestelde brood gehaald en een flinke kop koffie gedronken. Gisteravond waren we al even naar de stad gefietst om te kijken waar we weer de route moesten oppakken. De meeste campings liggen namelijk een kilometer of 3,4 buiten de stad.

Bij het verlaten van Cahors moeten we noodgedwongen 3 kilometer langs de drukke N20. De zuidelijke invloed blijft onmiskenbaar aanwezig. Het landschap verandert, wordt droger met mediterrane planten. Uit dit gebied komen ook de Cahors wijnen. Overdag in de felle zon lijken de dorpjes met gesloten luiken wel uitgestorven.

Na L'hospitalet fietsen we de Quercy Blanc binnen, een glooiend gebied met een kalkrijke wittige ondergrond.

Onder aan de klim naar Castelnau-Montratier ziet men boven op de heuvels reeds de karakteristieke windmolens staan.

Na een snelle afdaling volgt de route verder stroomafwaarts het brede en langgerekte dal van de Lupte. Hier teelt men meloenen, tabak, granen maar vooral zonnebloemen.

Ondanks dat het Pinksteren is vandaag hebben de meeste winkeltjes die we onderweg tegenkomen gewoon open. Dus aan eten is vandaag geen gebrek.

We hebben voor een groot gedeelte de D953 gevolgd en de steden Moissac en Auvillar links laten liggen.

Het laatste stukken hadden we ons nog bijna verreden ook omdat er een weg was afgesloten. Gelukkig weer op de juiste route gekomen.

Ook de camping in Lectoure ligt weer 4 kilometer buiten de stad, dus weer een heel stuk terug fietsen. Deze camping is ooit te zien geweest in het Tv-programma “Camping Life”. Het is een ontzettende grote camping en voor ons de duurste tot nu toe.

Hier staan firma’s als Keycamp, Vacans O soleil, Eurocamp etc. Er was een gigantisch groot restaurant, toen wij er echter kwamen om iets te eten bleek de hele (ballen) tent gereserveerd te zijn door één of ander automobielclubje. Klantenbinding noemen ze dat, wij zullen in elk geval geen reclame voor deze camping maken.

Nadat we zelf toen maar iets te eten zijn gaan maken zijn we ‘avonds iets gaan drinken aan een barretje en hier kwamen we in gesprek met een Nederlands meisje, Marijke, dat hier stage liep. Ze volgde de opleiding aan de MTRO in Heerenveen en werkte nu 4 ½ maand voor Vacans-O-Soleil. Ze vertelde ons dat in het hoogseizoen de camping 10.000 mensen deed herbergen. Nou mooie vakantie heb je dan.

 

Dag:                17

Maandag         09-06-2003

Vertrek:           08.15 uur            Aankomst:             16.00 uur         Werkelijke fietstijd: 6.32 uur

Afstand:           90,62 km            Totale afstand:      1.573,11 km    Gemiddeld: 14,33 km per uur

Overnachting: Camping Du Lac in Marciac

Weer:              Zonnig 32°

 


Vanmorgen zijn we bijtijds opgestaan want we wilden vandaag Marsiac halen en dat betekende dat er weer heel wat geklommen moest worden. Het weer was al prachtig en voor het eerst konden we de tent droog opbergen.

Ondanks dat gisteren, 1e Pinksterdag de meeste winkels geopend waren bleken vandaag de meeste winkels dicht te zijn. In het enige winkeltje dat open was verkochten ze het laatste brood voor onze neus weg.

 

Tot Brian langzaam oplopend en daarna een snelle afdaling tot het volgend dal.

Brian kent slechts één ingang vanaf de weg en de stadspoort leidt naar een verrassend oud-ministadje

 

Tot l’isle de Noél volgt de route overwegend de richting van lage heuvels.

Hier treffen we een Frans echtpaar dat de route vanuit het noorden van Frankrijk had afgelegd naar Santiago en dat nu alweer op de terugweg was.

Toen we met hen stonden te praten stopte er een Nederlands echtpaar en vroeg aan ons of we ook op weg waren naar Santiago. Naar wat over en weer gepraat hoe het ons verging en hoe we het contact met thuis hadden kwam er van die vrouw een domme opmerking op de melding van ons dat we via GSM contact hadden met het thuisfront, ze zei namelijk dat echte pelgrims geen GSM hadden. Wij waren weer niet ad rem genoeg want zij waren op weg naar kennissen en dat een pelgrim ook niet achterna gereis wordt door familie, want dat deden zij namelijk.

Tot overmaat van ramp stonden die snuggere Hollanders ook nog ’s avonds op dezelfde camping in Marciac.

 

Aangekomen in Marciac geprobeerd om iets warms te eten te krijgen, helaas van 16.00 uur tot 20.00 uur was er geen mogelijkheid hiertoe. Dan maar een pilsje en op naar de camping. Ondertussen nog even langs bij de VVV om een stempel te halen.

De camping was eenvoudig maar goed verzorgd door een Engels echtpaar. Op onze vraag aan de eigenaar waar we ’s avonds het beste konden gaan eten heeft hij ons een naar later bleek, uitstekend restaurant aanbevolen.

 

Le petit Auberge was de naam van het restaurant, hier bestelden we uiteraard weer Canard. Na het voorgerecht, sla met walnoten, kwam de ober met een grote pan met eendepoten en worstjes met daarbij tuinbonen en wortelen. Jos lustte tot vanavond geen tuinbonen maar het dient gezegd te worden dit smaakte voortreffelijk. Dit alles geserveerd met een overheerlijk flesje rode wijn. En als klap op de vuurpijl een ijsje toe. Dit al typend loopt me het water weer in de mond.

 

 

Dag:                18

Dinsdag           10-06-2003

Vertrek:           07.30 uur            Aankomst:             12.30 uur         Werkelijke fietstijd: 4,11 uur

Afstand:           68,27 km            Totale afstand:      1.641,38 km    Gemiddeld: 16,60 km per uur

Overnachting: Camping Du Loup in Lourdes

Weer:              Voormiddag bewolkt 20°, namiddag zonnig 30°

 


Vanmorgen om 6.30 uur liep de wekker af en om 7.40 uur zaten we al op de fiets. Het was vannacht ontzettend benauwd geweest zo erg zelfs dat de slaapzakken vochtig waren van transpiratie.

Op de markt in Marciac snel nog wat brood en rozijnenbroodjes gekocht. De D943 die we volgden was erg druk en het ergste van alles was dat om de 25 meter reflectors op de weg zaten waar je steeds om heen moest fietsen. Dit viel best tegen want je moest en op het drukke verkeer letten, de juiste route in de gaten houden en dan ook nog op die rot dingen letten. Via Tarbes, een vrij grote stad kwamen we in een klein dorpje terecht waar we ons verreden. We zagen de juiste weg liggen maar we kwamen er niet op. We zijn tenslotte gewoon door een stuk weiland naar die weg gelopen.

Tijdens het helpen duwen van de ene fiets over een walletje viel die van Peter om gelukkig was er niets beschadigd.

Inmiddels begon het al weer flink warm te worden.

 

In Lourdes zijn we direct doorgefietst naar de grotten waar we aan een agent de weg naar en camping hebben gevraagd. Op ongeveer 1 kilometer achter het heiligdom lag er één.

Daar aangekomen hebben we eerst een pilsje gedronken en hebben vervolgens de tent opgezet en ons vervolgens gewassen.

Rond 14.30 uur zijn we naar Lourdes teruggegaan om de commercie te bekijken en natuurlijk de grotten en de kerken.

We hebben de kaarsen aangemaakt die we thuis beloofd hadden aan te maken. Daarna zijn we het stadje zelf ingegaan, het blijft in onze ogen één grote commerciële organisatie waar we allemaal aan mee werken. Winkel aan winkel wordt steeds dezelfde prullaria verkocht.

We hebben het thuisfront weer een kaart gestuurd, eigenlijk pas de 2e, dadelijk denken ze ook nog dat we op de centen zitten.

Om 21.00 uur zou de processie beginnen tot die tijd zijn we iets gaan eten en hebben we een terrasje genomen.

De processie was zeer indrukwekkend. Naast ons stond een franse brancardier die er op moest toezien dat tijdens de processie niemand de trappen opging. We hebben een tijdje met hem staan praten en hij vertelde ons dat het 365 dagen per jaar zo druk was en met feestdagen nog drukker. Na afloop van de processie kwam hij nog eens naar ons toe en wenste ons een goede reis naar Santiago. Rond 22.00 uur zijn we weer teruggegaan naar onze camping.

 

 

Dag:                19

Woensdag       11-06-2003

Vertrek:           08.15 uur            Aankomst:             17.00 uur         Werkelijke fietstijd: 5,57 uur

Afstand:           97,8 km              Totale afstand:      1.739,18 km    Gemiddeld: 17,55 km per uur

Overnachting: Camping Uthâtza in Libarreux

Weer:              Zonnig 30°-35°

 


Op de camping stond een grote automaat met koffie etc., dus wij vanmorgen geld in die automaat gestopt en verwachtingsvol gekeken of er een bekertje koffie uit kwam. Nou het bekertje kwam inderdaad met een bodempje koffie en daar bleef het bij er kwam geen water dus pech gehad dan maar zonder koffie op pad.

 

Het weer was aangenaam en vandaag zouden we met de Pyréneeën kennis maken. Maar rustig beginnen en niet er als een gek invliegen en het loopt vanzelf. Misschien heeft het Lourdeswater wel geholpen omdat het vrij makkelijk verliep.

Onderweg prachtige bergmassieven gezien met besneeuwde toppen. Niet alleen de koeien maar ook de geiten en schapen lopen hier met een bel om de nek.

Via Lasseube, een langgerekt dorp gaan we op weg naar Goès. Het laatste stukje naar Oloron gaat over een steile pukkel, waarbij vooral de afdaling nogal wat remkunst vereist. De fiets reageert toch net iets anders met de tassen aan het voorwiel.

Oloron-St. Marie zoals het plaatsje officieel heet is een interessant oud stadje, een van de laatste grote pleisterplaatsen van de pelgrims voor de moeilijke tocht door de Pyréneeën.

 

Overigens hebben we inmiddels een goed conditie opgebouwd en er wachten nog bergen in Spanje, het zijn niet alleen de Pyréneeën die we over moeten.

 

In Oloron hebben we niet de Col de Somport genomen maar de alternatieve route Pays-Basque. Deze voert langs het historische pelgrimsplaatsje l’Hôpital-St. Blaise en gaat als voorproefje over de Col d’Osquich die we morgen zullen overgaan.

l'Hôpital ligt precies op de eeuwenoude grens tussen Béarn en het Baskenland. De Baskische invloeden zijn hier goed merkbaar.

 

Na l’Hôpital volgt Mauléon alwaar we een camping proberen te vinden. Mauléon ligt aan het riviertje de Saison en is de toeristische hoofdstad van de Soule-streek in Baskenland.

Dit is tevens de plaats waar de espadrilles, schoentjes met gevlochten touwzolen, in grote aantalen worden gemaakt.

In Libarrenx vinden we tot slot een kleine maar leuke camping vlak aan het eerder genoemde riviertje.

We hebben nog steeds een probleem met het vinden van gasbussen. In Nederland heeft men ons verteld dat we de gasbussen die we nodig hebben voor ons brandertje en lampje, in heel Frankrijk konden krijgen. Nou mooi niet, we hebben één bus al leeg en de tweede hebben we toch ook al enkele dagen in gebruik.

Vanmiddag heb ik wel een zelfde soort brander in een winkel gezien maar de gasbussen waren allemaal uitverkocht. Nou maar hopen op een volgende winkel.

 

 

Dag:                20

Donderdag      12-06-2003

Vertrek:           08.00 uur            Aankomst:             13.00 uur         Werkelijke fietstijd: 3,17 uur

Afstand:           44,16 km            Totale afstand:      1.783,34 km    Gemiddeld: 13,93 km per uur

Overnachting: Camping Municipal in St Jean Pied de Port

Weer:              Licht bewolkt 25°

 


Vandaag zijn we de laatste dag in Frankrijk.

Na Mauléon blijven we tot Ordiarp in het dal fietsen. Bij Musculdy begint echter meteen een steil stuk in de verder pittige klim van 5 kilometer naar een hoogte van 500 meter, de Col d’Osquich.

Nou wil die hoogte natuurlijk niet veel zeggen maar vanuit 100 meter beginnend in een vrij korte afstand, gaat het af en toe toch vrij stijl omhoog (alhoewel de klimmetjes die later volgden waren veel steiler en langer maar dat wisten we toen nog niet).

Om de kilometer stond aangegeven hoeveel het stijgingspercentage was en hoe hoog je zat.

 

Halverwege de klim meende Peter dat zijn reserve fles water los begon te raken. Hij probeerde al fietsen en klimmend deze vast te zetten, maar je hebt geen snelheid en met één hand aan het stuur begin je dan al snel te slingeren. Hierdoor kwam hij naast de weg in een greppel terecht en toen hij probeerde terug te komen viel hij. Gelukkig bleef de schade beperkt tot een schram op zijn knie en konden we de weg snel vervolgen.

De hele klim duurde ongeveer een half uurtje, boven gekomen hebben we een lekker kopje koffie gedronken in een hotelletje.

 

Om 12.00 uur waren we in St. Jean Pied de Port een historisch stadje aan de rivier de Nive.

Aan de stad is te zien dat Spanje nadert. Veel strijd heeft hier gewoed tot op de dag van vandaag: denk maar eens aan de ETA.

In een supermarkt eindelijk gelukkig een gasvulling gevonden. Maar meteen een grote gekocht, want stel je voor dat er in Spanje weer niets te koop is, want als je al heel Frankrijk moet door rijden om één gasfles te vinden.

 

We hadden besloten om niet verder te gaan dan St. Jean en zijn dus ’s middags het dorpje gaan bekijken. Hier ontmoette we een Zwitser die ook met de fiets onderweg was. Hij had 1.200 kilometer gefietst en was 1 juni vertrokken. Hij had erg weinig bagage bij zich, sliep hoofdzakelijk in hotels.

 

In St. Jean ligt een bureautje van “Les amis de St. Jacques’ dat echter pas om 14.30 uur openging. Alsof pelgrims op tijd rijden. We zullen straks wel terug gaan, we gaan nu eerst een camping zoeken.

Als we ’s middags terugkomen zien we veel wandelaars en fietsers, nu begint het echte Camino-gevoel te komen.

Opnieuw naar het kantoortje van het genootschap gegaan, hier worden we geholpen door een engels sprekende Fransman die aan één stuk door ratelt over hoe fijn het toch wel niet is om te route te voet te gaan. Na een poosje krijgen we dan toch de door ons verlangde stempel.

Tijdens het nuttigen van een pilsje hadden we allebei het gevoel dat we beter hadden kunnen verder fietsen, nu zaten we maar wat te kijken op een terrasje en verloren we veel tijd.

Eten kon je uiteraard, zoals overal in Frankrijk, pas om 19.00 uur.

Om 18.00 uur zijn we terug gegaan naar de camping omdat het flink bewolkt werd en we hadden de was nog buiten hangen.

We hebben maar besloten om zelf maar iets te koken want het duurde ons te lang en we hadden allebei flink honger.

Op de camping was inmiddels ook een Duitser gearriveerd. Hij sprak vrij goed Nederlands, hij woonde in Neurenberg, was geboren in Munchen en was vroeger in Budel met zijn legereenheid gestationeerd geweest, ook was hij met een Nederlands meisje getrouwd.

Peter heeft zijn fiets nog nagekeken. Hij had op een normale 7 versnellingenfiets een 2e plaat voor erbij laten plaatsen, dit was natuurlijk geen ideale situatie want hij had veel problemen met schakelen.

Op 1 juni was hij in Straβbourg vertrokken en op 27 juni had hij de terugreis geboekt vanuit Santiago.

 

 

Dag:                21

Vrijdag             13-06-2003

Vertrek:           08.00 uur            Aankomst:             20.00 uur         Werkelijke fietstijd: 8,54 uur

Afstand:           115,37 km          Totale afstand:      1.898,71 km    Gemiddeld: 13,50 km per uur

Overnachting: Refugio Apostol in Puente la Reina(Spanje)

Weer:              Zonnig 40° in Pamplonâ 45°

 


Vanmorgen zijn om 8.00 uur vertrokken en 3 kwartier later reden we Spanje binnen.

De weg naar de pashoogte is lang, maar niet bijzonder moeilijk: 30 kilometer klim door een groen landschap met bossen en weiden. Bij Arneguy volgt een kort steil stuk en na Valcarlos blijft het stug omhoog gaan met flinke bochten en donkere bossen.

De klim gaat over de top van de Alto de Ibañeta bij Roncevalles op 1057 m. Op de top staat een klein monument ter nagedachtenis aan één van de volgelingen van Karel de Grote. Hier hebben we een foto gemaakt met Gunther, de Duitser die we in St. Jean hadden getroffen. Gunther wilde graag een foto maken om die thuis aan zijn vrouw te laten zien wie die 2 Nederlanders waren die hem de fiets hadden gemaakt!

2 ¾ uur zouden we er over doen. Onderweg troffen we 2 mannen uit Helmond, één ervan had de route al eens in 1995 met zijn vrouw gemaakt. Hij zei als we dit achter de rug hadden, dat we dan het ergste van de hele tocht door Spanje hadden gehad. Nou we hebben ons later vaker afgevraagd hoe hij dan toch die route had gefietst, want de route van vandaag viel best mee, er zouden dagen volgen die veel zwaarder waren.

 

Ook troffen we 2 Duitsers uit de omgeving van de Bodensee, ze zagen er best nog fit uit ondanks de klim, maar vertelden ze ons, ze hadden zich een heel stuk met de taxi laten rijden vanuit St. Jean.

Franse automobilisten kunnen er wat van maar de Spanjaarden zijn zeker niet minder. Als gekken rijden ze langs ons door. Het ergste is dat de route via een vrij drukke weg loopt, de N120, zo druk zelfs dat Peter op een gegeven moment dacht dat we op de vluchtstrook van een autoweg zaten.

 

De afdaling naar het vroegere koninkrijk Navarra is niet van lange duur, omdat de route tweemaal een oversteek maakt naar het volgende dal. De eerste klim gaat naar de Alto Mezquiriz en de volgende gaat naar de Alto Erro. Dan volgt men het dal van de Rio Arga naar Pamplona.

In Pamplona aangekomen hebben we zeker een uur gezocht om de juiste route te vinden. De hele stad was een grote bouwput, in elke straat waren er wel bouwwerkzaamheden. Politie gevraagd, maar dat was zo’n arrogante za… die was te beroerd om überhaupt maar antwoord te geven.

Tijdens het zoeken op een stadsplattegrond werden we plotseling aangesproken door een meisje dat ons vroeg of we de Camino aan het fietsen waren. Ze sprak vrij goed engels, wat ik van de overige Spanjaarden die we tot nu getroffen hadden niet kon zeggen. Ze sprak zelfs een heel klein beetje Nederlands omdat ze enkele weken in Nederland was geweest.

Ze wees ons de juiste weg weer naar de Camino.

Het was inmiddels ontzettend warm geworden, echt geen aardigheid om in een drukke stad te fietsen. Even buiten Pamplona ligt een vliegveld, we dachten dat we hier ook wel een hotel zouden vinden waar we eventueel konden overnachten maar helaas.

Dan maar door richting Puente La Reina. Hier kwamen we om 19.00 uur aan. Hier merkten we ook voor het eerst dat de Spanjaarden echt een familievolkje zijn. Men zit allemaal buiten bij elkaar op straat en het is er druk en gezellig. Peter was op een bord de weg naar de plaatselijke VVV aan het zoeken toen een oudere dame hem vroeg wat hij aan het zoeken was. Toen ze hoorde dat we de VVV aan het zoeken waren vroeg ze ons haar te volgen en ze bracht ons fijn hier naar toe.

Bij het VVV kantoor kregen we weer een stempel en hier gaf men ons ook adressen waar we konden overnachten.

Even buiten Puenta ligt een geheel nieuwe refugio, Apostol genaamd, Hier zijn we naar toe gegaan en gevraagd of we konden overnachten, dat was geen probleem.

De man die ons inschreef, je moet hier je pelgrimspas wel laten zien anders krijg je geen toegang, vertelde ons als we ons snel wilden wassen, dat we nog tot 21.00 uur warm eten konden krijgen. Het was inmiddels 20.00 uur dus dat was even de versnelling erin gooien.

Voor slechts € 8,50 kreeg je hier een prima 3 –gangen diner.

 

 

Dag:                22

Zaterdag          14-06-2003

Vertrek:           07.20 uur            Aankomst:             17.00 uur         Werkelijke fietstijd: 8,50 uur

Afstand:           101,47 km          Totale afstand:      2.000,18 km    Gemiddeld: 15,59 km per uur

Overnachting: Camping El Rueda in Nájera

Weer:              Licht bewolkt 30°

 


Na een hele nacht gesnurk, gekuch en gewandel van andere refugio-gasten werden we om 6.30 gewekt door de beheerder die keihard “God save the Queen” via een cassettebandje afspeelde.

De meeste wandelaars gaan vroeg op pad en om 7.00 uur waren alleen wij nog aanwezig en twee Duitse wandelaarsters. Voor dat we vertrokken hebben we nog een broodje gegeten en een kop koffie gedronken.

Na Puente la Reina verlaat de route het dal van de Rio Arga met een stevige klim(7%) over 2 kilometer. Het landschap blijft heuvelachtig met veel groen en de wijngaarden worden afgewisseld met graanvelden en weiden.

Schitterende vergezichten en wegen zo ver als je kunt kijken. Alleen valt de beschreven route van “St Jacobsroute deel 3” tegen, de route voert hoofdzakelijk over drukke N-wegen en dat is absoluut niet prettig rijden. Vaak op 6 baans wegen en wij fietsen dan over een soort vluchtstrook.

Wat veel goed maakt is de natuur, deze is werkelijk prachtig, hopelijk kunnen we dat een beetje op de foto’s tot uitdrukking brengen.

Het is een prachtige dag en we zijn vandaag al 3 weken op pad.

 

Na Viana eindigt de Navarra streek en daalt de route af in de uitgestrekte, groen vallei van de Rio Ebro. Hier begint de Rioja, een vriendelijke landstreek met de beroemde wijnen van dezelfde naam.

Voorbij Navarette voert de weg langzaam omhoog door een uitgerekt en droger landschap. Via een verscholen tunneltje in het groen onder de N120 komen we in Nájera alwaar we een camping vinden in de oude arena El Ruedo bij de rivier.

Nájera ligt prachtig tegen het decor van een gelaagde en verweerde roodbruine rotswand. Er zitten grotachtige openingen in net als in een gatenkaas.

Op deze camping staan allemaal tentjes van Nederlandse wandelaars, met een minibus waren ze vanuit Nederland naar Spanje gekomen en trokken ze te voet van camping naar camping een week lang.

Na te hebben gegeten zijn we in het dorpje een pilsje gaan drinken. Tegenover het terras lag een discotheek waar het behoorlijk druk was. Het vreemde was dat hij al om 22.00 uur dicht ging, in Nederland begint de jeugd zich dan pas langzaam gereed te maken om er naar toe te gaan.

 

 

Dag:                23

Zondag            15-06-2003

Vertrek:           08.00 uur            Aankomst:             17.30 uur         Werkelijke fietstijd: 6.38 uur

Afstand:           96,11 km            Totale afstand:      2.096,29 km    Gemiddeld: 15,05 km per uur

Overnachting: Camping Municipal in Burgos

Weer:              Zonnig 40°, s’avonds een buitje

 


Vanmorgen werden we al om 6.30 uur wakker van de wandelaars die hun tenten al weer aan het inpakken waren. We hadden vanmorgen één probleem, we hadden geen brood en aangezien het zondag was waren alle winkels dicht. Na 3 kilometer kwamen we het eerste tankstation tegen. Helaas dit was gesloten. Rond 9.00 kwamen we bij het 2e, hier hadden ze gelukkig sandwiches etc. zodat de honger snel kan worden gestild. Gelijkertijd kregen we telefoon uit Geleen, het was namelijk vaderdag vandaag en er moest toch even gefeliciteerd worden.

 

Na Belorado, waar de winkels toch open waren en waar we inkopen gedaan hebben, volgt de route enkele kilometers de N120, gelukkig was er in verband met de zondag niet zoveel vrachtverkeer. In Villafranca beginnen we aan de klim naar de Puerto de la Pedraja. Vervolgens door naar San Juan de Ortega. Vanaf hier daalt de weg langzaam af door een aantrekkelijk landschap en waar de weg overschaduwd wordt door bomen. Bij de VVV van Burgos kon men ons vrij vlug vertellen waar een camping lag, we moesten hier alleen weer 3 kilometer voor terug fietsen hetgeen betekent dat we die morgen dus ook weer extra moeten fietsen.

 

Op de camping hebben we een poos met, naar later bleek, een mevrouw uit Maastricht staan praten. Ze had de tocht al 3 keer gedaan, 2 keer te voet en 1 keer met de fiets. Nu was ze met haar man onderweg per auto. Ze vertelde hoe moeilijk fietsers contact krijgen met wandelaars en omgekeerd. Fietsers nemen vaker, zoals wij, een camping en geen refugio. Toch bestaat er onderling respect voor elkaars prestaties

In de kantine probeerden we nog iets warms te eten te krijgen, maar het enige wat ze nog hadden waren 2 Tigris. Dit is een grote schelp gevuld met een soort vis en rijst. Smaakte prima was alleen iets weinig, dus terug naar de tent en zelf maar weer iets gemaakt.

 

De echtgenote van de mevrouw uit Maastricht kwam even informeren naar ons want ze waren al bang dat we niets te eten bij ons hadden.

Naast ons lagen 2 tentjes met 4 Italiaanse jongeren die behoorlijk wat lawaai maakten, dus we vielen pas laat in slaap.

 

 

Dag:                24

Maandag         16-06-2003

Vertrek:           08.15 uur            Aankomst:             12.30 uur         Werkelijke fietstijd: 3.32 uur

Afstand:           55,58 km            Totale afstand:      2.151,87 km    Gemiddeld: 16,72 km per uur

Overnachting: Camping Camino de Santiago in Castrojeriz

Weer:              Zonnig 40°

 


Bij het verlaten van Burgos kan je korte tijd een fietspad volgen langs de drukke weg. Tot Tardejos valt de Camino samen met de N120, die na de splitsing minder druk wordt.

Even buiten Burgos werden we ingehaald door 4 Belgen op de racefiets, 2 dames en 2 heren.

Na 10 kilometer haalden wij hen weer in. Één van de dames moest even tussen de struiken. Haar man riep naar ons; “ja jullie hebben dan wel bagage maar wij hebben de vrouwen”. Het bleek dat ze vanuit St. Jean waren vertrokken, ze reden iedere dag 50 kilometer waarna de mannen dezelfde weg terugfietsten om de camper te gaan halen.

Ze reden dus zonder bagage.

De route klimt gestaag tot op de glooiende hoogvlakte van Spanje, de Meseta, waar het behoorlijk warm is. Eindeloze graanvelden en dorre vlakten zo ver als je kunt kijken. Als fietser vorm je een nietig stipje in deze uitgestrektheid. Voor wandelaars lijkt me dit geen geweldige omgeving om door te gaan.

Het weggetje naar Yudego is weer aangenaam rustig. Bij Villandiego zijn enkele holwoningen zichtbaar en volt een geniepig klimmetje. Een stenen kruis wijst naar Castrojeriz. Het plaatsje is ontstaan dankzij de pelgrimage en daarvan getuigen 4 kerken.

De plaatselijke camping in dit bijna uitgestorven plaatsje, is er speciaal voor trekkers. Op de bijna kleinste camping die we tot nu toe zijn tegen gekomen, hebben ze bijna alles. Een klein campingwinkeltje, vers brood, bierglazen uit de diepvries en zelfs een internetaansluiting.

Nadat we eerst de was hebben gedaan zijn we uiteraard het internet opgedoken om te kijken wie allemaal in ons gastenboek van onze webpagina hadden geschreven. De beheerder waarschuwde ons al voor de langzame verbinding dus van het dagboek hebben we niet veel gezien.

We zijn nog even een stukje het dorp ingelopen. Hier leek wel niemand te wonen zo stil was het er. Huisjes die bij ons allang zouden zijn afgebroken worden hier nog bewoond. Als die muren eens konden spreken.

 

 

Dag:                25

Dinsdag           17-06-2003

Vertrek:           08.15 uur            Aankomst:             14.00 uur         Werkelijke fietstijd: 4.58 uur

Afstand:           94 km                 Totale afstand:      2.245,87 km    Gemiddeld: 20,51 km per uur

Overnachting: Camping Municipal in Sâhagún

Weer:              Voormiddag bewolkt 25°, namiddag zonnig 30°

 


Na Castrojeriz gaat de eenzame weg weer een tiental kilometers verder onder de ijle blauwe lucht van het Castiliaanse landschap.

Alleen het probleem is dat we weer rijden over de N120. Kilometers, zo ver als je kunt kijken weer dat donkere asfalt.

De voetpaden die naast deze weg liggen zijn gemarkeerd door witte zuiltjes met schelpen erop. Liever gezegd de schelpen zaten er op want nog maar heel sporadisch zaten deze erop. De meeste waren gewoon gestolen of als aandenken meegenomen. Ook waren er veel kapot omdat het waarschijnlijk niet gelukt was om ze eraf te krijgen.

 

Vlak voor Frómista bevinden zich oude sluizen van het Canal de Castillo etappegewijs boven elkaar. De muren staan iets gebogen waarschijnlijk om de druk van het water te weerstaan.

Nu volgt één van de meeste vlakke delen van de hele route, echter ook één van de meest kaalste delen, nergens zijn er bomen of struiken te bekennen. Uitgestrekte velden tot aan de horizon. Je kunt je nauwelijks voorstellen dat Spanje hier oorspronkelijk dicht bebost was.

Tussen Frómista en Carrion de los Condes is met behulp van EU gelden een speciale pelgrimsweg aangelegd voor voetgangers en fietsers, met aan één kant om de 5 meter een boom voor de schaduw. Het probleem is dat het hier zo droog is dat er bijna geen enkele boom groeit.

 

Op dit gedeelte worden we ingehaald door een vrij grote groep Italiaanse wielrenners, die op hun beurt weer gevolgd worden door een grote bus.

Na een poosje stonden ze langs de weg te eten en zagen ze ons al van verre komen. Enkele van de gasten meenden lollig te doen en spoten ons nat met hun bidons water.

Wat je in deze omgeving ook veel ziet zijn ooievaars. Duizenden zitten er in elektriciteitsmasten, oude kerktorens en door de mens gebouwde nesten. Hier kunnen nog heel wat baby’tjes vandaan komen!!!

 

Onze camping ligt vandaag in Sâhagún. Nadat we de tent hebben opgezet en uiteraard weer de was hebben gedaan zijn we een pilsje gaan drinken. Prijs € 2,00 voor een ½ liter, dat zijn andere prijzen dan in Lourdes, daar moesten voor een ½ liter € 5,50 betalen. Of het aan ons te zien is dat we pelgrims zijn weet ik niet maar voor de zoveelste keer krijgen we bij het vertrek een gratis pilsje aangeboden.

 

 

Dag:                26

Woensdag       18-06-2003

Vertrek:           08.15 uur            Aankomst:             15.00 uur         Werkelijke fietstijd: 5.45 uur

Afstand:           92,18 km            Totale afstand:      2.338,05 km    Gemiddeld: 16,90 km per uur

Overnachting: Camping Municipal in Hospital de Orbigo

Weer:              Voormiddag zonnig 29°, namiddag 35°

 


Na Sâhagún trekken we verder over het fascinerende hoogland. De eerste 4 kilometers moeten we over een soort veldweg. Dat was een aanslag op fiets en ledematen. Door de slechte staat waarin deze weg zich bevond kun je natuurlijk ook niet snel fietsen.

Vlak nadat je elke morgen vertrekt zijn er veel wandelaars op de been. Ook fietsers worden er steeds meer. Wij delen de fietsers in categorieën in: watjes, halfwatjes en bikkels.

  • Watjes zijn die fietsers die met een racefiets de route fietsen zonder bagage. Ze worden gevolgd door een camper of caravan meestal bestuurd door hun partner waar ze ’s avonds lekker kunnen uitrusten.
  • Halfwatjes zijn die fietsers die wel hun bagage bij zich hebben maar die elke avond in hotels slapen.
  • Bikkels zijn die fietsers die zelf alles meeslepen, zoals bagage en tent(wij dus).

 

Het routeboekje wat we nu volgen is in onze ogen verre van volledig. Regelmatig staan er onduidelijkheden in. We werden richting Fontecha gestuurd maar hoe dat moest je schijnbaar maar zelf uitzoeken.

We stonden op de hoek van de straat in een klein gehucht weer eens te kijken waar we naar toe moesten toen er plotseling drie bouwvakkers op ons afkwamen die ons de weg kwamen duidelijk maken. Op de kaart die we bij ons hadden wezen ze ons waar we zaten en welke route we moesten volgen om weer op de juiste te komen. Men vertelde ons dat die dag al meerdere fietsers voorbij waren gereden ook op de verkeerde route.

Eenmaal op de juiste route kwamen we weer in een klein dorpje aan waar Jos een foto wilde maken van een ooievaarsnest toen er plotseling de bakker op hem kwam afgelopen.

Ook hij vroeg ons of we de weg kwijt waren want we hoefden maar gewoon de volgende straat links te nemen en altijd maar recht door te rijden.

Die Spanjaarden zijn naar pelgrims toe ontzettend behulpzaam en niet alleen met het uitleggen van de weg, maar ook zie je heel vaak flessen water bij de voordeuren staan die bedoeld zijn voor de dorstige pelgrim.

De drukke weg door het centrum van León werd vroeger genoemd naar een dictator. Aan deze weg ligt ook de Casa de Botines, een heel opvallende schepping van Gaudi.

 

Dag:                27

Donderdag      19-06-2003

Vertrek:           08.15 uur            Aankomst:             15.00 uur         Werkelijke fietstijd: 4.57 uur

Afstand:           64,47 km            Totale afstand:      2.402,52 km    Gemiddeld: 14,1 km per uur

Overnachting: Refugio in Molineseca

Weer:              Zonnig 40°

 


Vanmorgen zijn we om 8.15 vertrokken, we hadden gisteravond al besloten om de route pas in Astorga te beginnen hetgeen betekende dat het eerste stuk over de N120 voert.

Vandaag zal het er weer een klein hoogtepunt komen op onze reis. We bereiken vandaag Cruz de Ferro.

 

In El Ganzo rijden er plotseling 2 motoragenten van de Guardia Civil achter ons. Wij kregen al angst dat het ons een boete zou gaan kosten omdat we zonder helm reden, maar nee hoor ze waren zo vriendelijk om ons te vertellen dat we de verkeerde afslag genomen hadden en dat we ongeveer 100 meter terug moesten waar een weg naar rechts voerde.

Later toen we weer een 15 tal kilometer op die weg zaten kwamen ze ons weer in tegengestelde richting tegen en staken een duim op.

 

Vanaf Rabanal loopt de route over een tamelijk ruig, maar bijzonder fraai traject met een pashoogte van 1.500 meter. Eigenlijk hadden we wat meer drukte verwacht op de route naar Cruz de Ferro, maar dat viel tegen.

Een vrouwtje in Rabanal vertelde ons nog dat we vandaag geluk hadden, het was prachtig weer en we hadden wind in de rug, hetgeen op deze klim maar vrij zelden was.

De klim gaat over een lengte van 6 kilometer omhoog met een stijgingspercentage van 8%, direct daarop gevolgd door 3 kilometer van 12%.

Het uitzicht tijdens de klim is prachtig en omdat de snelheid toch niet al te hoog ligt is het genieten.

Het dal achter ons wordt steeds kleiner en het landschap steeds kaler. Achter Foncebadon zien we de dreigende toppen van de Irago.

En dan volgt het nieuwe hoogte punt: Cruz de Ferro, een simpel kruis aan een lange houten paal op het hoogste punt van de weg. In al zijn eenvoud echter vormt het een indrukwekkend monument op een zeer markant punt van de route.

Symbolisch leggen pelgrims hier een deel van hun last af door het werpen van een steen op de reeds grote hoop aan de voet van de paal met kruis. Ook wij hebben dat gedaan, we hadden namelijk van thuis een steen(tje) meegenomen.

Dit is een stap in een nieuwe fase van je levensweg.

Na Cruz volgt er een korte afdaling naar Manjarin gevolgd door een korte maar vrij steile klim naar een 2e hoogte, eveneens op 1.500 meter.

 

Nu volgt een spectaculaire afdaling met uitzicht op de vallei van de Bierzo. Op de achtergrond doemen de bergen op van de Cebreiro, die we nog voor de boeg hebben.

Nu worden de remmen pas echt getest. El Acebo vormt weer het eerste teken van de bewoond wereld. De weg erdoorheen is echter maar vrij smal, op het eind van het dorp staat een klein gedenkteken van een verongelukte fietser als waarschuwing om goed uit te kijken.

In Molinesaca slaan we onze tent op bij een refugio. Het is zo warm dat men hier de stapelbedden buiten heeft gezet. En er binnen bijna niemand vertoeft.

 

Dag:                28

Vrijdag             20-06-2003

Vertrek:           08.30 uur            Aankomst:             14.30 uur         Werkelijke fietstijd: 4.11 uur

Afstand:           56,03 km            Totale afstand:      2.458,55 km    Gemiddeld: 13,61 km per uur

Overnachting: Refugio in Vega de Valcarce

Weer:              Zonnig 40°

 


Vanmorgen toen wij vertrokken waren alle wandelaars al op pad. In Ponferrada waren alle winkels, op de bakker na gesloten. Om deze plaats uit te komen was een hele tour. Het route boekje gaf weer eens de verkeerde omschrijving. Toen we bij een verkeersbord weer de weg aan het zoeken waren, kwam er opnieuw een vriendelijk Spanjaard naar ons toe die ons de weg wees. “Bij het 2e stoplicht links” zei hij, wij verstonden echter bij de 2e weg na het stoplicht. Dus op de fiets toen er plotseling iemand op ons floot, voor de zoveelste maal wees ons een Spanjaard erop dat we verkeerd zaten en dat we een straat terug moesten. Dus constant krijg je van alle kanten hulp.

Drie kilometer zuidelijk van Cacabelos ligt Carracedo del Monasterio met een groot deels gerestaureerd klooster. Hier heeft Peter een stempel gehaald.

Onze camping van vandaag zou volgens het boekje even boven Trabadelo liggen, hier stond echter niets aangegeven.

We zijn ergens links afgegaan richting San Fiz do Seo. Klimmen klimmen en nog eens klimmen, we kwamen ergens in een gehucht uit met 5 boerderijen en straatjes zo smal als in Nederland een trottoir. Helemaal geen camping dus, dan maar weer terug en op zoek naar een refugio.

Deze vonden we in Vega de Valcarce, want als we verder zouden rijden moesten we aan een klim van 30 kilometer beginnen en daar hadden we zo laat geen zin meer in.

In de refugio was nog plaats en we mochten de fietsen zelfs binnen in een zaaltje plaatsen.

’s Avonds zijn we in het dorpje iets gaan eten, sinds Castrojeriz hoefden we weer eens een avond niet zelf te koken.

De serveerster daar sprak Duits en ze schotelde ons een prachtig diner voor.

Tijdens een gesprek met haar vertelde ze ons dat de klim tot Sarria de volgende dag best wel eens lang kon worden.

Maar daar maken we ons inmiddels niet meer druk over, we hebben al zoveel klimmetjes gehad. Daarbij halen we morgen de 2.500 kilometer.

De thermometer in het dorp wees 50° aan in de zon, in de schaduw was het 42°.

 

 

Dag:                29

Zaterdag          21-06-2003

Vertrek:           07.30 uur            Aankomst:             17.00 uur         Werkelijke fietstijd: 6.39 uur

Afstand:           87,92 km            Totale afstand:      2.546,47 km    Gemiddeld: 13,74 km per uur

Overnachting: Camping Santa Marina in Portomarin

Weer:              Zonnig 42°

 


Door al het gesnurk zijn we al weer vroeg uit de veren. Omdat er in de refugio maar 2 wasgelegenheden waren voor 40 personen zijn we na een snelle wasbeurt, ongeschoren op pad gegaan. Goed en wel het dorp uit begint de 30 kilometer lange klim naar Cebreiro. We volgen ligt stijgend de oude weg door een beboste, smalle kloof van de Rio Valcarce.

De klim wordt geleidelijk steiler en hoog boven ons ligt de nieuwe weg die door middel van hoge viaducten over ons heen gaat, dit moeten we echter nog inhalen.

Aan het begin worden we lastig gevallen door zwermen vliegen, constant zit je om je heen te meppen om ze van je af te houden. Zou het komen dat we ons maar half gewassen hebben?

 

Vanmorgen beklimmen we 3 passen:      1 Puerto Pedrafita 1.100 meter

                                                                  2 Alto San Roque 1.270 meter

                                                                  3 Alto de Poio 1.335 meter

Alle 3 de klimmen verliepen voorspoedig en zonder problemen. Vandaag zijn we al 4 weken op pad en meer dan 2.500 kilometer gefietst.

 

Galicië, waar we vandaag door rijden, verschilt qua landschap sterk van de droge hoogvlakten van enkele dagen terug. Hier is bijna overal groen van frisse weiden tot donkere bossen vanwege het vochtige klimaat.

In Sarria zouden we stoppen, want hier zou een camping liggen, maar zoals al vaker ook nu weer geen camping. Omdat we geen problemen hadden besloten we om dan maar door te fietsen. Bij het uitgaan van Sarria reden er voor ons 2 fietser met geel/groene hoesjes over de fietstassen. Dat moesten Nederlanders zijn dat kon niet anders. Het echtpaar kwam uit Drenthe. Ze waren 27-5 vertrokken en ze hadden de westelijk route in Frankrijk genomen.

 

Zouden er alleen Nederlanders in zo’n temperatuur fietsen, want je ziet niemand op de weg. We besloten om de eerste beste refugio, camping of hostal te nemen. In Paradela zou een hostal liggen en navraag bij een takstation leerde ons dat dat inderdaad zo was. Die tankbediende vertelde ons echter ook in goed Duits, dat enkel kilometers verder een camping lag en wel in Porto Marin.

De camping ziet er uitstekend uit en we worden rond 20.30 verwacht voor het diner dat € 10,00 kost.

Als voorgerecht soep met witte bonen, aardappeltjes en spinazie. Het hoofdgerecht bestond uit spareribs met frites en gemengde salade. Tot slot een heerlijk stuk taart genaamd “Santiago tort”. Dit alles met een heerlijke fles huiswijn.

 

Tijdens ons verblijf hier cirkelde er de hele tijd een vliegtuig boven de camping, de eigenaar, die goed Frans prak, legde ons uit dat dit een blusvliegtuig was en dat het bij deze extreme temperaturen de hele dag in de lucht was. Omdat de camping aan een meer lag vloog het toestel hierover omdat het bij calamiteiten middels een duikvlucht water uit het meer opnam en dan naar de plek des onheil vloog.

 

Naast ons lag een jong stel uit Mainz dat eveneens op we was naar Santiago, het meisje was echter ziek en ze hadden een dag uitgerust en zouden morgen weer verder proberen te gaan.

 

Nog 107 kilometer wie weet wat we morgen in ons hoofd halen.

 

Dag:                30

Zondag            22-06-2003

Vertrek:           08.15 uur            Aankomst:             18.15 uur         Werkelijke fietstijd: 7.13 uur

Afstand:           95,51 km            Totale afstand:      2.641,98 km    Gemiddeld: 13,38 km per uur

Overnachting: Camping San Marcos in Santiago de Compostela

Weer:              Zonnig 35°

 


Vannacht hebben we allebei slecht geslapen. Rond een uur of 4 begon er een hond te blaffen. Toen we om 7.00 uur opstonden was het Duitse stel ook al de tent aan het inpakken.

 

Voorbij Portomarin volgt 13 kilometer van overwegend klimmen. En weer waren daar die vliegen, dus het kon niet aan ons wassen liggen. Halverwege kwamen er een stil Zwitsers langs die eveneens klaagden over de vliegen en dat ze daar gisteren ook al last van hadden gehad.

 

In Palas de Rei begint de laatste etappe naar Santiago. De geheel vernieuwde en brede N547 heeft van de oude weg weinig overgelaten en is tamelijk druk. Even voorbij Melide ligt een restaurant “die zwei Deutsch" genaamd. Hier gaan we vragen of er iets te eten is maar dat kan pas vanaf één uur. Als Jos plotseling iets in het Duits vraagt aan de eigenaresse kan opeens alles. Binnen No time hebben we het lekkerste diner voor ons staan.

Vervolgens op weg naar Arzua waar we wilden overnachten. Hier aangekomen bleek echter dat de camping gesloten was en dat de plaatselijk refugio vol zat. Nu was goed raad duur, we zaten op 57 kilometer van Santiago, we besloten om dan toch maar verder te fietsen en kijken waar het schip strandt.

 

Om 17.00 hebben we allebei naar huis gebeld want we stonden boven aan Santiago.

 

 

WE HEBBEN HET GEHAALD, 2.642 KILOMETER EN 30 DAGEN VERDER.

 

 

Boven Santiago in het plaatsje San Marcos lag een camping waar we de rest van de week de tent hebben opgeslagen. We gaan morgen wel de compostelana halen en Santiago zelf bezoeken.

Op de camping komen steeds meer bekenden die we de laatste dagen hebben getroffen.

 

 

 

 

Totalen                           30 dagen gefietst

Afstand                           2641,98 km

Werkelijke fietstijd          169,76 uur

Gemiddeld                     15,56 km per uur

 

De rest van de week zijn we bijna dagelijks naar Santiago gegaan de eerste dag te voet maar de rest van de week met de bus.

Op maandag hebben we Koning Juan Carlos met zijn echtgenote Sophie nog gezien. Zij waren sinds zondag in Santiago.

 

Maandag zijn we bij het kantoortje van het genootschap onze Compostelana gaan halen. Onder overleg van onze stempelpas, werd gecontroleerd of we de vereiste afstand hadden afgelegd. Dat was absoluut geen probleem want een fietser moet minimaal 200 kilometer afleggen en een wandelaar 100 nou en dat haalden we dik.

 

Op dinsdag werd er tijdens de mis met het wereldberoemde zware wierookvat gezwaaid.

Toch waren we ook blij dat het op het eind aan ging, we waren zondag aangekomen in plaats van dinsdag en dan gaan de dagen wel erg lang duren. We zijn al bijna 5 weken weg.

 

Vrijdag             27-06-2003

 

Vanmorgen zijn we de gehuurde auto gaan afhalen. Volgens de juffrouw die hem ons had verhuurd pasten hier best 2 volwassenen en 2 fietsen met bagage in.

Na veel prikken en passen zijn we met de laadklep open richting Madrid vertrokken wat nog altijd een afstand van 650 kilometer was.

Iedere berg die we op reden werden we wel ingehaald door vrachtauto’s, want we hadden maar een 1.1 ltr. Toyota Yaris en die was niet vooruit te krijgen.

 

Zaterdag          28-06-2003

 

Vannacht hebben we weinig geslapen, het is dan wel erg rustig op het vliegveld, maar je hoort toch telkens de omroepberichten. We zijn om 9.00 uur ingecheckt. De fietsen zijn ook geregeld, wel na enig aandringen van onze kant, deze staan als het goed is al in het vliegtuig. Om 10.50 vertrokken. Voor Jos de allereerste keer vliegen, maar hij is niet zenuwachtig. Hij slaapt zelfs in het vliegtuig, het bevalt hem goed. Om 13.20 uur landen we op Schiphol. Daar aangekomen moeten we nog even op de fietsen wachten.

 

Daarna kunnen we door de deuren en zijn we echt op Nederlandse bodem, en dan wordt je verrast door een levensgroot spandoek met de tekst, “Tierlantijn, tierlantijn wat is het weer fijn om thuis te zijn”. Een paar jongeren met wielrennersshirtjes aan. Jaja, het zal wel, niet voor ons bedoeld. Totdat we goed kijken en onze kinderen zien staan in de shirtjes. Er gaat heel wat in onze gedachte om (zijn ze nou helemaal gek geworden?). Maar wat boeit dat, we hebben een prestatie verricht. Of Pieter van den Hoogeband nou aankomt met een medaille of wij met een paspoort vol stempels als bewijs dat we met de fiets naar Santiago de Compostela zijn geweest. Het is hetzelfde. Het is een warm onthaal.

Wat zijn ze blij ons te zien, terwijl ze ons thuis toch normaal weleens kunnen schieten. Er schieten nu een paar tranen in de ogen. Nu naar huis, nou is goed geweest. We zijn moe en moeten de rit naar het zuiden nog uitzitten. We willen niet weten wat daar aan de hand is.

 

In Maasbracht uitgestapt, want we wilden het laatste stukje  van de reis afmaken met de fiets. In Echt, waar Peter woont, aangekomen draaien we de Olmstraat in, en het is niet te geloven, de kleurrijke vlaggen komen je al tegemoet. Hoe korter we bij komen hoe meer mensen we op straat zien staan, familie, vrienden, kennissen en het belangrijkste onze vrouwen.

Ze hebben hoog boven de oprit een levensgrote finishvlag gehangen en wc-lint waar we doorheen moeten fietsen. Krankzinnig!!! Er staat ook een tentje, met een bord met de tekst: “het was zo knus”, met grote foto’s van ons beiden. Inwendig kunnen we ons lachen niet meer inhouden.

Iedereen is zo enthousiast, dat we er weer zijn. Het is voor ons een vermoeiende dag, maar morgen kunnen we uitslapen.

 

De aankomst is net zo hartverwarmend als bij het vertrek en er is best wel hier en daar een traan gevallen. Ook bij die 2 bikkels.

Achter in de tuin, ligt een houten vlonder naast de vijver. Deze moet er in ieder geval uit, omdat de planken scheef staan. Maar tot onze schrik staan hier de vlaggen op geschilderd van de landen waar we doorheen zijn gefietst. Met de tekst: welkom thuis Peter en Jos. Hoe hebben ze het ooit voor elkaar gekregen.

 

Deze 5 weken heeft ons toch wel op een bepaalde manier aan het denken gezet. Gelukkig hebben we tijdens onze tocht geen ruzie of woorden met elkaar gekregen. In moeilijke tijden konden we ons heel goed aan elkaar optrekken.

 

Ook het thuisfront, met name onze beide echtgenotes en kinderen, heeft er toe bijgedragen dat voor ons de reis meer dan geslaagd is.

 

 

Nogmaals allemaal bedankt voor jullie steun

 

JOS                 &             PETER